**1..** Het college verleent subsidie voor voorschoolse educatie voor doelgroepkinderen zoals genoemd in artikel 3 lid 1 en 2 voor maximaal 16 uur per week tot een maximum van 768 uur per jaar.
**2..** Het college verleent subsidie voor voorschoolse voorziening voor ouders van peuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag zoals genoemd in artikel 3 lid 4 voor maximaal 8 uur per week tot een maximum van 320 uur per jaar.
**3..** Het college verleent subsidie voor vervroegde voorschoolse educatie zoals genoemd in artikel 3 lid 8 voor maximaal 8 uur per week.
**4..** Voor de subsidie zoals genoemd in lid 1 en 2 geldt voor de eerste 8 uur per week een inkomensafhankelijke ouderbijdrage volgens de tabel van de kinderopvangtoeslag.
**5..** Het college bepaalt jaarlijks het maximale subsidiebedrag per peuter per uur en het subsidiebedrag voor de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie.
**6..** Voor ouders die tot de doelgroep van artikel 3 lid 1 en 2 behoren wordt de tweede 8 uur of een deel daarvan niet in rekening gebracht door de voorschoolse voorziening aan de ouders. De gemeente betaalt dit bedrag aan de voorschoolse voorziening.
**7..** Ouders die tot de doelgroep van artikel 3 lid 2 en 4 behoren betalen voor de eerste 8 uur per week een ouderbijdrage per uur conform de inkomensafhankelijke tabel ouderbijdragen voor de kinderopvangtoeslag. De bijdrage wordt betaald aan en in rekening gebracht door de voorschoolse voorziening.
**8..** De voorschoolse voorziening zoals genoemd in lid 1 wordt voor de tweede 8 uur per week volledig gesubsidieerd.
**9..** De vervroegde voorschoolse educatie zoals genoemd in lid 3 wordt volledig gesubsidieerd.
**10..** De hoogte van de subsidie voor de eerste 8 uur bedraagt per peuter per uur:
voor de doelgroep van artikel 3 lid 1 het verschil tussen het maximale subsidiebedrag zoals genoemd in lid 4 en de wettelijke maximum uurprijs dagopvang;
voor de doelgroep van artikel 3 lid 2 het verschil tussen het maximale subsidiebedrag zoals genoemd in lid 4 en de ouderbijdrage zoals genoemd in lid 5;
voor de doelgroep van artikel 3 lid 4 het verschil tussen het maximale subsidiebedrag zoals genoemd in lid 4 en de ouderbijdrage zoals genoemd in lid 5.
**11..** De hoogte van de totale subsidie betreft het aantal geplaatste uren vermenigvuldigd met het bedrag zoals genoemd in lid 5, 8, 9 en 10.
**12..** De hoogte van de subsidie voor de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie bedraagt het in lid 4 genoemde bedrag vermenigvuldigd met het aantal geregistreerde doelgroepkinderen op 1 januari van het jaar waarover subsidie wordt aangevraagd.