Er bestaat geen specifieke wet die bepaalt hoe de openbare ruimte moet worden beheerd. Wel bestaat er een ‘zorgplicht’ per asset en heeft de gemeente met wet- en regelgeving te maken vanuit het rijk en de provincie. De ‘zorgplicht’ is vastgesteld in het Burgerlijk Wetboek en stelt eisen aan technische veiligheid. De wet regelt in algemene zin wanneer een rechtspersoon aansprakelijk gesteld kan worden voor schade. Voor de openbare ruimte betekent dit dat de gemeente moet kunnen aantonen regelmatig onderhoud te plegen en de technische staat van objecten te inspecteren, zodat de veiligheid in de openbare ruimte gehandhaafd blijft. Als de gemeente dit niet of in onvoldoende mate doet kan zij aansprakelijk gesteld worden voor nalatigheid. Uit wettelijke bepalingen worden geen eisen gesteld aan de beeldkwaliteit van een gebied.
Voor het beheer van straatmeubilair is de volgende wetgeving relevant.
Burgerlijk wetboek (t.b.v. aansprakelijkheid)
Het Burgerlijk Wetboek stelt sinds 1 januari 1992 dat de gemeente als beheerder aansprakelijk is voor schade als gevolg van meubilair dat niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen en daarmee gevaar oplevert voor personen of zaken. Indien de beheerder aansprakelijk wordt gesteld voor schade die iemand lijdt als gevolg van gebreken aan het meubilair, dan dient de beheerder aan te tonen dat hij inspectie en onderhoud met optimale zorg uitvoert. Onontbeerlijk voor een overtuigende bewijsvoering zijn daarbij preventief onderhoudsbeleid en een goede klachtenregistratie.
In het Burgerlijk Wetboek is de aansprakelijkheid in twee artikelen geregeld:
Artikel 6:174 Risicoaansprakelijkheid.
Artikel 6:162 Schuldaansprakelijkheid.
Er is sprake van risicoaansprakelijkheid als er een gebrek optreedt aan het straatmeubilair en een gebruiker als gevolg hiervan schade ondervindt. Er is sprake van schuldaansprakelijkheid als schade ontstaat als gevolg van een onrechtmatige daad. Hieronder valt ook het te lang laten voortbestaan van gevaarlijke situaties.
Wegenwet
In de huidige Wegenwet, van kracht sinds 1930, staat bepaald wat wordt bedoeld met de definitie ‘wegen’ en wie er verantwoording draagt voor deze wegen.
Wegenverkeerswet
In de wegenverkeerswet worden de regels met betrekking tot de veiligheid op de weg, het beschermen van weggebruikers, het in stand houden van de weg en de bruikbaarheid van de weg beschreven. Het openbaar lichaam dat het beheer over de weg heeft draagt zorg voor het plaatsen of verwijderen van verkeerstekens en onderborden welke niet vallen onder een verkeersbesluit.
Algemene plaatselijke verordening (APV)
In de APV worden diverse plaatselijke regels met betrekking tot de openbare ruimte beschreven. Uit deze regels kan het plaatsen van bebording voortkomen om deze regels duidelijk te maken.
Besluit Administratieve Bepalingen voor het Wegverkeer (BABW)
De technische eigenschappen van de borden staat genoemd in het BABW. Hierin wordt bepaald welke eisen er worden gesteld aan en bord, eigenschappen zoals reflectieklasse en methode van plaatsing.
Gemeentewet
De gemeentewet stelt met een parkeerverordening vast dat voertuigen mogen parkeren op door het college aangewezen plaatsen en dat daarvoor belastingen geheven mogen worden. De hier geldende plicht tot betalen moet duidelijk zijn aangegeven met bebording dan wel wegbelijning.
Besluit Begrotingen en Verantwoording (BBV)
Om het financieel toezicht op gemeenten doelmatig te kunnen uitvoeren, is een wet opgesteld om de gemeentelijke begrotingen uniform op te stellen: het Besluit Begrotingen en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Hierin zijn ook definities beschreven rond het begroten en onderverdelen van onderhoud aan kapitaalgoederen. Vanuit het BBV wordt de volgende indeling gemaakt:
Onderhoud, zowel klein als groot onderhoud: lasten voor de instandhouding die in de jaarrekening (exploitatierekening) worden opgenomen;
Investeringen, waaronder ook integrale vervangingen: deze worden geactiveerd vanuit de reserve openbare ruimte en in de balans opgenomen.
In bijlage 1 is een tabel opgenomen met daarin een uitgebreidere beschrijving van de verschillende soorten van onderhoud die wij hanteren vanuit de BBV.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.1
Kaders wettelijk
Onderdeel van Beheerplan straatmeubilair Uithoorn 2021-2025