Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Gehandicaptenparkeerkaart voor instellingen

Onderdeel van Beleidsregels Parkeerverordening 2022 Gehandicaptenparkeerkaart 2022

1.. Instellingen waar gehandicapten verblijven, komen voor het vervoer van bewoners in aanmerking voor een gehandicaptenparkeerkaart als deze bewoners: ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare loopbeperking van langdurige aard (tenminste 6 maanden) hebben, waardoor zij met de gebruikelijke loophulpmiddelen in redelijkheid niet in staat zijn zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan één stuk te voet te overbruggen en voor het vervoer van deur tot deur continu afhankelijk zijn van de hulp van de bestuurder; en/of permanent rolstoelgebonden zijn; en/of ten gevolge van een aandoening of gebrek aantoonbare ernstige beperkingen, anders dan loopbeperkingen, hebben. 2.. De gehandicaptenparkeerkaart voor instellingen wordt alleen verstrekt aan instellingen die zijn toegelaten op grond van artikel 5, eerste lid van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) en die zorg verlenen als bedoeld in artikel 6 van de AWBZ. Dit zijn bijvoorbeeld instellingen voor gehandicapten en verpleeginstellingen. 3.. Bij de aanvraag voor een gehandicaptenparkeerkaart dient de betreffende instelling onderbouwd aan te geven over hoeveel kaarten de instelling wenst te beschikken. Het aantal te verstrekken gehandicaptenparkeerkaarten is afhankelijk van het aantal bewoners in relatie met het aantal voertuigen dat de instelling tot haar beschikking heeft voor het vervoer van die bewoners.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel