**1..** Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb of financiële tegemoetkoming, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb of financiële tegemoetkoming wordt verstrekt, overeenkomstig het Besluit maatschappelijke ondersteuning, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot.
**2..** De bijdrage dan wel het totaal van de bijdragen is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of het volgende lid een lagere bijdrage is verschuldigd.
**3..** (Vervallen per 1.1.2022)
**4..** Er geldt geen eigen bijdrage:
voor rolstoelen;
voor de verhuiskostenvergoeding die wordt verstrekt als een financiële tegemoetkoming;
voor personen tot 18 jaar met in achtneming van het bepaalde in lid 8 van dit artikel;
Bij aanpassingen in collectieve ruimte(n) in die gevallen waarbij het individueel gebruik daarvan door de cliënt niet geborgd is.
**5..** In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet bedraagt de hoogte van de eigen bijdrage voor de maatwerkvoorziening voor collectief vervoer van €0,85 per gerezen zone plus één opstapzone, prijspeil 2022; het tarief wordt ieder opvolgend kalenderjaar gewijzigd aan de hand van Landelijke Tarieven Index (LTI).
**6..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening, pgb of financiële tegemoetkoming ten behoeve van de inning van eigen bijdragen wordt als volgt vastgesteld:
Op basis van het overzicht van de toepasselijke tarieven zoals is opgenomen in bijlage 2.
De kostprijs voor een zaak die geen onderdeel uitmaakt van bijlage 2 wordt vastgesteld op maximaal 100% van de kosten van de goedkoopst adequate voorziening in natura, indien van toepassing inclusief onderhoud en reparatie, zoals door het college aan een door haar gecontracteerde leverancier zou worden betaald.
De kostprijs voor een zaak die geen onderdeel uitmaakt van bijlage 2 en geen onderdeel uitmaakt van een contract tussen het college en een door haar gecontracteerde leverancier, wordt vastgesteld op maximaal 100% van de kosten van de goedkoopst adequate voorziening, indien van toepassing verhoogd met een bedrag voor onderhoud en reparatie, vast te stellen door het college op basis van een offerte.
**7..** De bijdrage voor beschermd wonen(zorg in natura) , maatschappelijke opvang en vrouwenopvang wordt berekend en vastgesteld op het toegestane maximumbedrag conform het landelijke Uitvoeringsbesluit maatschappelijke ondersteuning 2015.
**8..** In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door de in bijlage 3 opgenomen instanties vastgesteld en geïnd.
**9..** De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.
HOOFDSTUK 6:
Artikel 17.
BIJDRAGE IN DE KOSTEN VAN MAATWERKVOORZIENINGEN, PGB’S EN FINANCIËLE TEGEMOETKOMINGEN
Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 gemeente Eijsden-Margraten, versie 2022