Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 7.

Intrekkings- en wijzigingsgronden vergunning

Onderdeel van Parkeerverordening 2022

1.. Het college trekt een vergunning in: op verzoek van de vergunninghouder; wanneer de vergunninghouder niet meer woonachtig is of geen beroep of bedrijf meer uitoefent in het vergunninggebied, waarvoor de vergunning is verleend; wanneer de vergunninghouder geen houder meer is van het motorvoertuig of de vrachtwagen waarvoor de vergunning is verleend; wanneer de vergunninghouder geen eigenaar meer is van de woning in het vergunninggebied, waarvoor de vergunning is verleend; wanneer voor het betreffende vergunninggebied het stelsel van vergunningen komt te vervallen; wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan zijn betalingsverplichting voor zijn vergunning heeft voldaan; wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit op de aanvraag om de vergunning zou hebben geleid. 2.. Het college kan een vergunning intrekken of wijzigen: wanneer er zich een wijziging voordoet die, als deze zich had voorgedaan bij de aanvraag, tot een ander besluit op de aanvraag om de vergunning zou hebben geleid; wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften; om redenen van openbaar belang.

Rechtspraak bij dit artikel