Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Voorwaarden voor de gemeentetoeslag

Onderdeel van Uitvoeringsregeling gemeentetoeslag voor peuteropvang en VE gemeente Hardinxveld-Giessendam

Ouders van een peuter komen in aanmerking voor de gemeentetoeslag ter bekostiging van peuteropvang als: Hun peuter voor minimaal één dagdeel, maar bij voorkeur twee dagdelen, (van maximaal 4 uur) per week in de peuteropvang is geplaatst; Ze een plaatsingsovereenkomst voor hun peuter hebben met een aanbieder die de betreffende locatie binnen de gemeente als VE-locatie in het LRK heeft geregistreerd. Ze een plaatsingsovereenkomst hebben ondertekend waarop ten minste het volgende is aangegeven: de startdatum van de plaatsing in de peuteropvang, de weekdagen en tijden waarop gebruik wordt gemaakt van de peuteropvang, de prijs per uur van de peuteropvang, het LRK nummer van de locatie en het BSN van de peuter. Ze niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag. Ze bereid zijn om de meest recente inkomensverklaring(en) aan te vragen en deze te overleggen aan de gemeente. Zelfstandig ondernemers die in aanmerking komen voor de gemeentetoeslag kunnen in plaats van een inkomensverklaring(en) een kopie overleggen van de meest recente aanslag inkomstenbelasting van het betreffende belastingjaar. Dat kan een voorlopige of een definitieve aanslag zijn. In het geval de inkomensverklaring(en) nog niet beschikbaar is, kan een aanvraag worden ingediend op basis van de meest recente loonstrook of uitkeringsspecificatie. In deze gevallen zal op basis hiervan een voorlopige beschikking worden opgesteld. Na een jaar of na afloop van de plaatsingsperiode, volgt een definitieve beschikking en vindt een afrekening plaats op basis van de inkomensverklaring(en). Hierbij kan sprake zijn van een terugvordering of nabetaling van teveel of te weinig uitbetaalde gemeentetoeslag.

Rechtspraak bij dit artikel