** 1. .** Bij de vaststelling van de bijzondere bijstand houdt het college rekening met de aanwezige draagkracht in het inkomen en het vermogen.
** 2. .** Bij de bepaling van aanwezige draagkracht wordt in ieder geval rekening gehouden met de draagkrachtperiode, het vermogen en het inkomen, zoals in artikel 4 is aangegeven.
** 3. .** Het college laat voor de bepaling van de draagkracht buiten beschouwing:
het inkomen in de vorm van een particuliere oudedagsvoorziening, zoals bedoeld in artikel 33, vijfde lid van de wet;
het vermogen tot voor de op belanghebbende van toepassing zijnde grens als bedoeld in artikel 34 van de wet.
het vermogen als spaargeld opgebouwd tijdens de periode waarin bijstand wordt ontvangen;
het vermogen in de vorm van een eigen huis, indien de belanghebbende in dat eigen huis woonachtig is en recht heeft op een AOW-uitkering of een ouderdomspensioen ontvangt.
Hoofdstuk 1
Artikel 3
Uitgangspunten draagkracht
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid gemeente De Wolden 2022