Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning intrekken of weigeren, indien:
het huishouden met een huisvestingsvergunning de woonruimte niet binnen de in de vergunning gestelde termijn in gebruik heeft genomen;
de vergunning is verleend op grond van door het huishouden verstrekte gegevens, waarvan deze wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren;
ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om:
uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten; of
strafbare feiten te plegen.
het verlenen van de vergunning het in gebruik hebben door de aanvrager van meer dan één woonruimte tot gevolg heeft; of
er gehandeld wordt in strijd met de voorwaarde(n) van de vergunning.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.5
Intrekking en weigering
Onderdeel van Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2022, Gemeente De Bilt