Naar hoofdinhoud
1.. Op de dag van de inzameling worden de bestanddelen van het huishoudelijk afval aangeboden ter inzameling door deze zo dicht mogelijk bij de weg, op het trottoir of aan de rand van de openbare weg te plaatsen. 2.. In afwijking van het eerste lid, wordt het huishoudelijk afval in de straten opgenomen in bijlage 10 aangeboden op de in die bijlage aangewezen plek. 3.. Het afval wordt aangeboden zodanig dat voetgangers en overig verkeer niet worden gehinderd of er gevaar voor de inzamelaar of derden ontstaat. 4.. Het inzamelmiddel dat wordt aangeboden: is gesloten en bevat geen uitstekende afvalstoffen; bevat geen scherpe of gevaarlijke voorwerpen, als glas, naalden of porselein; is, als het een zak is, afgesloten en heeft een knoop of een clipje aan de bovenkant dat geschikt als handvat om de zak op te tillen; heeft een maximaal bruto gewicht (inzamelmiddel en inhoud): indien het een gemeentelijke restzak van 50 liter betreft van 7 kilogram, ii indien het een gemeentelijke restzak van 25 liter betreft van 3,5 kilogram; indien het een GFT container van 140 liter betreft van 75 kilogram; indien het een GFT-emmer van 25 liter betreft van 7 kilogram; bevat geen GFT-afval dat is aangestampt. 5.. Medewerkers van de inzameldienst, aangewezen toezichthouders, als bedoeld in artikel 21 van de verordening, en bijzondere opsporingsambtenaren kunnen aanwijzingen geven over de plaats en wijze van aanbieden van afval. De aanwijzingen worden door de aanbieder van het afval opgevolgd. 6.. Bestanddelen van huishoudelijk afval die, om welke reden dan ook, niet zijn ingezameld worden door de gebruiker van het perceel teruggenomen voor 24.00, dezelfde dag.

Rechtspraak bij dit artikel