Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III:

Artikel 28.

Vrijstelling

Onderdeel van Verordening parkeerregulering en parkeerbelastingen 2022

1. . De houder van een geldige gehandicaptenparkeerkaart is voor maximaal 3 uren vrijgesteld van het betalen van de parkeerbelasting zoals genoemd in artikel 19, lid 1 onder a, indien de houder de gehandicaptenparkeerkaart heeft aangemeld in het digitaal parkeerrecht GPK-systeem. 2. . Met het digitaal parkeerrecht GPK-systeem wordt bedoeld het systeem waarmee de houder van een gehandicaptenparkeerkaart via een app of via een klantcontactcentrum een digitaal parkeerrecht kan aanmaken en beëindigen. 3. . Het college kan nadere regels stellen omtrent de controle op aanwezigheid van de vrijstelling. Met deze controle wordt bedoeld de controle langs elektronische weg met parkeerapparatuur op de aanwezigheid van een aan de houder van een gehandicaptenparkeerkaart toekomende vrijstelling van parkeerbelasting. De nadere regels kunnen regels over de technische werking van de parkeerapparatuur bevatten. 4. . Het college draagt zorg voor aanmelding in het digitaal parkeerrecht GPK-systeem op een digitaal inclusieve wijze, die voldoet aan de standaarden voor toegang tot overheidsdienstverlening. 5. . Hetgeen in lid 1 is vermeld geldt niet voor gehandicaptenparkeerplaatsen aangegeven met verkeersbord E6. Voor parkeren op die gehandicaptenparkeerplaatsen dient een geldige gehandicaptenparkeerkaart in het voertuig te zijn aangebracht. 6. . Van het betalen van parkeerbelasting als bedoeld in artikel 19, lid 1, onder a, zijn vrijgesteld als zodanig herkenbare politie, - brandweer en ambulancevoertuigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel