**1..** De belasting bedoeld in artikel 4 is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar
of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
**2..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting
bedoeld in artikel 4 verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat
jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de
belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**3..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat
aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog
volle kalendermaanden overblijven.
**4..** Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige
binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt.
**5..** Belastingbedragen van minder dan € 10,00 worden niet geheven.
**6..** Voor de toepassing van het bepaalde onder lid 5 wordt het totaal van de op één
aanslagbiljet verenigde aanslagen afvalstoffenheffing of andere heffingen
aangemerkt als één belastingaanslag.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2022