Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Maatschappelijke begeleiding asielstatushouders

Onderdeel van Beleidsregels inburgering gemeente Almere 2021

1.. Het college zorgt ervoor dat de asielstatushouder maatschappelijke begeleiding krijgt. Deze begeleiding is erop gericht: 1.. de asielstatushouder kennis over de praktische organisatie van de Nederlandse samenleving te verschaffen; 2.. de asielstatushouder te begeleiden en te ondersteunen, met de bedoeling om zijn of haar zelfredzaamheid en participatie te vergroten; en 3.. randvoorwaarden te scheppen, zodat de asielstatushouder tijdig met het inburgeringstraject kan starten. 2.. De maatschappelijke begeleiding bestaat in ieder geval uit: a.. praktische hulp bij het regelen van basisvoorzieningen zoals wonen, zorg, werk, inkomen, verzekeringen en onderwijs; b.. een kennismaking met de woonomgeving; c.. passende voorlichting over de basisvoorzieningen in de Nederlandse samenleving; en d.. een kennismaking met maatschappelijke organisaties die voor de inburgeringsplichtige van belang zijn. 3.. De begeleiding start zo spoedig mogelijk na koppeling van de asielstatushouder aan de gemeente, maar in ieder geval op de dag dat de asielstatushouder in de basisregistratie personen (brp) in de gemeente staat ingeschreven en daadwerkelijk in de gemeente woont. 4.. Het college stemt de inhoud en duur van de maatschappelijke begeleiding af op het startniveau, de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de maatschappelijke positie van de asielstatushouder. 5.. In de 5e maand na de start van de maatschappelijke begeleiding, wordt tijdens een voortgangsgesprek zoals bedoeld in artikel 12 de voortgang op de zelfredzaamheidsonderdelen doorgenomen met de asielstatushouder en de aanbieder van maatschappelijke begeleiding. 6.. Op basis van dit voortgangsgesprek wordt bepaald: a.. of de maatschappelijke begeleiding verlengd moet worden met een periode van nog een keer 6 maanden; b.. indien ja, op welke onderdelen de maatschappelijke begeleiding zich dan richt; c.. indien nee, op welke wijze de maatschappelijke begeleiding wordt afgerond. 7.. De maatschappelijke begeleiding wordt in elk geval verlengd als blijkt dat gelet op de ontwikkelafspraken in de PIP de zelfredzaamheid op basis van de 6 domeinen zoals bedoeld in artikel 4a nog onvoldoende resultaat laat zien. Op basis van deze beoordeling worden er gerichte (nieuwe) ontwikkelafspraken gemaakt en vastgelegd over de vervolgbegeleiding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel