Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.8

Bijdrage voor maatschappelijke activiteiten

Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Altena 2022

Om actief deel te kunnen nemen aan de samenleving is het belangrijk dat inwoners meedoen aan maatschappelijke activiteiten. Hieraan zijn meestal kosten verbonden. De gemeente heeft hiervoor een Activiteitenfonds. Inwoners met een laag inkomen kunnen een vergoeding krijgen om te sporten en om mee te doen aan culturele, sportieve, recreatieve en andere maatschappelijke activiteiten. Ouderen en arbeidsgehandicapten kunnen de bijdrage ook besteden aan een aantal voorzieningen die sociaal isolement tegengaan. 7.8.1Doelgroep GEMEENTEWET Een bijdrage uit het Activiteitenfonds is bedoeld voor de inwoner die geen goede financiële buffer heeft en een inkomen dat lager is dan 120% van de bijstandsnorm. De kostendelersnorm is niet van toepassing. Geen recht op een bijdrage heeft de inwoner die: een tegemoetkoming in de schoolkosten (op grond van hoofdstuk 4 Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten) of studiefinanciering van DUO krijgt; in een Wlz-instelling verblijft; of jonger is dan 18 jaar. 7.8.2Inhoud Activiteitenfonds GEMEENTEWET Het Activiteitenfonds is bedoeld voor kosten voor eenmalige of terugkerende maatschappelijke activiteiten. De gemeente legt in beleidsregels vast om welke activiteiten het gaat. Het Activiteitenfonds is ook bedoeld voor kosten die inwoners met een AOW-uitkering en arbeidsgehandicapte inwoners maken om sociaal isolement tegen te gaan. De gemeente legt in beleidsregels vast om welke kosten het gaat. 7.8.3Bijdrage GEMEENTEWET De gemeente legt in een beleidsregel de hoogte van de maximale bijdrage per kalenderjaar vast. De inwoner met een inkomen tussen 100% en 110% van de bijstandsnorm komt in aanmerking voor een vergoeding van de aantoonbare kosten, tot het bedrag van de maximale bijdrage. De inwoner met een inkomen tussen 110% en 120% van de bijstandsnorm komt in aanmerking voor een vergoeding van de aantoonbare kosten, tot 50% van de maximale bijdrage. De gemeente gaat ervan uit, dat de inwoner die langer dan twaalf maanden een inkomen ontving dat lager was dan een van de genoemde inkomensgrenzen, en wiens inkomen toeneemt als gevolg van werkaanvaarding, in het eerste kalenderjaar na werkaanvaarding nog over een inkomen beschikt onder die inkomensgrens. Een aanvraag voor een bijdrage moet worden ingediend voor 1 maart van het kalenderjaar nadat de kosten zijn gemaakt. Anders wordt de bijdrage niet verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel