9.4.1Afstemming op houding en gedrag van de inwoner
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De gemeente verlaagt een uitkering als dat volgens de regels van de wet en deze verordening past bij de houding of het gedrag van de inwoner.
Bij het nemen van een besluit tot het verlagen van een uitkering houdt de gemeente rekening met:
de ernst van het gedrag;
de mate waarin de inwoner het gedrag verweten kan worden, en
de persoonlijke situatie van de inwoner.
Dit kan betekenen dat de gemeente afwijkt van de hierna genoemde duur en/of percentage van de verlaging.
Voordat een uitkering wordt verlaagd, geeft de gemeente de inwoner de kans om zijn mening te geven. De inwoner kan dat op de volgende manier doen:
Mondeling (persoonlijk of telefonisch)
schriftelijk
via e-mail
9.4.2Geen schuld en verjaring
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De gemeente verlaagt de uitkering niet als het gedrag van de inwoner meer dan een jaar voor het nemen van een besluit heeft plaatsgevonden of als het gedrag hem niet te verwijten is.
9.4.3Ingangsdatum en periode verlaging
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De gemeente maakt het besluit tot verlaging per brief aan de inwoner bekend. De verlaging gaat in vanaf de kalendermaand na de datum van dit besluit. Het is mogelijk dat de verlaging al in dezelfde maand of over eerdere maanden wordt toegepast. Dat kan als de uitkering voor die maand(en) nog niet is uitbetaald.
Soms kan de gemeente de uitkering niet of maar voor een deel verlagen omdat deze wordt beëindigd. Dan zal de gemeente het overgebleven deel van de verlaging alsnog opleggen als de inwoner binnen 6 maanden na de beëindiging opnieuw een uitkering gaat ontvangen.
9.4.4Berekening verlaging
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De verlaging is een percentage van de uitkeringsnorm die van toepassing is op de inwoner.
Als de inwoner maandelijks bijzondere bijstand ontvangt, kan de gemeente de bijzondere bijstand verlagen met een percentage van de bijzondere bijstand.
Eenmalige bijzondere bijstand die nodig is door verwijtbaar gedrag van de inwoner kan door de gemeente geweigerd worden.
9.4.5Niet nakomen wettelijke arbeidsverplichtingen
PW | AWB
De gemeente verlaagt de uitkering een maand als de inwoner een arbeidsverplichting uit artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet niet voldoende nakomt. Die verlaging is 100% van de uitkeringsnorm.
9.4.6Niet nakomen andere arbeidsverplichtingen
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering een maand met 20 % van de voor de inwoner geldende uitkeringsnorm, voor het volgende gedrag:
het niet voldoende proberen werk te vinden;
het niet voldoende meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak;
het niet voldoende meewerken aan het afleggen van een taaltoets als bedoeld in artikel 18b van de Participatiewet;
het niet voldoende leveren van een door de gemeente opgedragen tegenprestatie;
bij de inwoner die alleenstaande ouder is: het uit houding en gedrag laten blijken geen gebruik te willen maken van een voorziening bedoeld om de kans op werk te vergroten, wat heeft geleid tot het intrekken van de ontheffing van de arbeidsplicht als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van de Participatiewet.
De gemeente verlaagt de IOAW-of IOAZ-uitkering een maand met 20% van de voor de inwoner geldende uitkeringsnorm voor het volgende gedrag:
het niet voldoende gebruikmaken van een door de gemeente aangeboden voorziening;
het niet meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden om te werken;
het niet voldoende leveren van een door de gemeente opgedragen tegenprestatie;
bij de alleenstaande ouder: het uit houding en gedrag laten blijken geen gebruik te willen maken van een voorziening die de kans op werk kan vergroten, wat heeft geleid tot het intrekken van de ontheffing van de arbeidsplicht als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van de Participatiewet.
Als de inwoner verwijtbaar werkloos is, wordt de IOAW-of IOAZ-uitkering geweigerd. De uitkering wordt dan geweigerd naar de mate waarin de inwoner inkomen zou hebben kunnen ontvangen als hij niet verwijtbaar werkloos was geworden of gebleven.
De uitkering wordt tijdelijk geweigerd, als de inwoner:
op staande voet is ontslagen, of
een dienstverband heeft beëindigd, zonder dat er grote bezwaren waren verbonden aan de voortzetting.
De Pw, IOAW, of IOAZ-uitkering wordt blijvend geweigerd, als de inwoner:
een aanbod voor een dienstverband heeft afgewezen, of
een dienstverband is misgelopen door zijn houding of gedrag.
9.4.7Stoppen verlaging
PW | AWB
De gemeente kan de verlaging stopzetten als overduidelijk blijkt dat de inwoner de arbeidsverplichtingen alsnog nakomt. De inwoner moet de gemeente zelf verzoeken om de verlaging te stoppen. Hij moet het verzoek per brief of e-mail hebben ingediend binnen een maand nadat het besluit om de uitkering te verlagen is genomen. Stopzetten van de verlaging gebeurt vanaf de ontvangstdatum van het verzoek.
9.4.8Te weinig besef van verantwoordelijkheid
PW | AWB
De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die vóór of tijdens de bijstandsperiode onverantwoord omgaat met zijn mogelijkheden en financiële middelen, waardoor de gemeente eerder uitkering moet geven of een hoger bedrag aan uitkering moet geven.
Het is in ieder geval niet verantwoordelijk als de inwoner
vrijwillig ontslag neemt of verwijtbaar ontslagen wordt uit een dienstbetrekking en daarna uitkering vraagt, of
zijn vermogen onverantwoord uitgegeven heeft, bijvoorbeeld door schenkingen te doen, of
in aanmerking zou kunnen komen voor een andere inkomstenbron, bijvoorbeeld alimentatie, maar hier geen beroep op doet.
Bij verwijtbaar ontslag nemen wordt de uitkering een maand verlaagd met 100%. In andere gevallen wordt de verlaging vastgesteld op 20% voor het aantal maanden volgens deze tabel:
onverantwoord besteed bedrag / periode onterechte uitkering
duur verlaging
tot € 1500 / tot 2 maanden
1 maand
van € 1500 tot € 5000 / van 2 tot 4 maanden
3 maanden
van € 5000 tot € 10000 / van 4 tot 8 maanden
6 maanden
van € 10000 tot € 20000 / van 8 tot 16 maanden
9 maanden
van € 20000 tot € 40000 / van 16 tot 32 maanden
12 maanden
vanaf € 40000 / vanaf 32 maanden
18 maanden
9.4.9Onacceptabel gedrag
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die zich ernstig misdraagt tegenover personen en instanties die de Participatiewet, de IOAW en IOAZ uitvoeren. De uitkering wordt een maand verlaagd met 50% van de uitkeringsnorm.
Als het gaat om (bedreiging met) lichamelijk geweld tegen een persoon wordt de uitkering een maand met 100% verlaagd.
9.4.10Niet nakomen van andere verplichtingen
PW | AWB | WI
De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die een opgelegde verplichting als bedoeld in de artikelen 55 tot en met 57 van de Participatiewet niet voldoende nakomt.
De verlaging is 20% van de uitkeringsnorm voor een maand als het gaat om:
verplichtingen die gericht zijn op werk;
verplichtingen in verband met bijstand die in een bepaalde vorm (bijvoorbeeld in natura) of voor een specifiek doel wordt verstrekt;
een verplichting om een noodzakelijke medische behandeling te volgen;
verplichtingen die zijn gericht op vermindering van de bijstand;
Verplichtingen die gericht zijn op een verantwoorde besteding van de bijstand;
het door een inburgeringsplichtige niet meewerken aan financiële ontzorging.
De verlaging is 100% van de uitkeringsnorm voor een maand als het gaat om verplichtingen die gericht zijn op beëindiging van de bijstand.
9.4.11Samenloop van gedragingen
PW | IOAW | IOAZ | AWB | WI
Gedrag waardoor de inwoner meerdere verplichtingen uit deze paragraaf niet nakomt, leidt tot één verlaging. De grootste verlaging die van toepassing is voor het gedrag geldt dan, en ook de duur die bij die verlaging hoort.
Als sprake is van meerdere gedragingen die ertoe leiden dat één of meer verplichtingen niet worden nagekomen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd. Deze verlagingen worden gelijktijdig of -als dat niet mogelijk is -na elkaar opgelegd.
Als de gemeente voor dezelfde gedraging de bijstand op grond van artikel 18 of 18b Participatiewet kan verlagen en een boete op grond van de Wet inburgering 2021 op kan leggen, dan kiest hij ervoor de bijstand te verlagen en geen boete op te leggen.
9.4.12Herhaling (recidive)
PW | IOAW | IOAZ | AWB
De duur van de verlaging wordt verdubbeld als de uitkering binnen twaalf maanden na de datum van het besluit waarmee de verlaging is opgelegd opnieuw wordt verlaagd. De duur wordt ook verdubbeld als de gemeente de eerdere verlaging vanwege dringende redenen heeft vastgesteld op 100%. Een herhaalde verlaging op grond van artikel 9.4.5 kan maximaal 3 maanden duren.
Hoofdstuk 9
Artikel 9.4
Afspraken en verplichtingen over uitkeringen
Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Altena 2022