Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.7

Voorzieningen-werk

Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Altena 2022

PW | IOAW |IOAZ De gemeente houdt bij het aanbieden van de in dit hoofdstuk opgenomen voorzieningen rekening met de omstandigheden en functionele beperkingen van de inwoner. De omstandigheden hebben in ieder geval betrekking op zorgtaken van deze inwoner en de mogelijkheid dat hij behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie of gebruik maakt van de voorziening beschut werk. Onder zorgtaken wordt in ieder geval verstaan: de opvang van ten laste komende kinderen tot vijf jaar, en de noodzakelijkheid van het verrichten van mantelzorg. De gemeente kan een re-integratievoorziening aanbieden die bestaat uit een combinatie van de in dit hoofdstuk genoemde voorzieningen. Bij toekenning van persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen gelden de volgende voorwaarden: de werkgever biedt een dienstbetrekking aan van minimaal 6 maanden, met een minimale arbeidsduur van 12 uur per week; de voorziening betreft geen Arbo-taak waarvoor de werkgever verantwoordelijk voor is; het betreft geen meeneembare voorziening die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie; en er is naar het oordeel van de gemeente geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd. De gemeente stelt nadere regels stellen voor de inzet van voorzieningen gericht op werk. 3.7.1Detacheringsbaan PW | IOAW |IOAZ Het gemeente kan aan de inwoner die behoort tot de doelgroep via een andere organisatie een dienstverband aanbieden in de vorm van een detacheringsbaan, waarbij betrokkene voor het verrichten van de werkzaamheden wordt geplaatst bij een derde. Die detachering wordt vastgelegd in een overeenkomst tussen de gemeente, de werkgever, de andere organisatie en de inwoner. Het doel van een detacheringsbaan is dat de inwoner na afloop in dienst komt van de werkgever. Een voorwaarde is dat de detacheringsbaan niet leidt tot verdringing van andere werknemers bij dezelfde werkgever en ook niet leidt tot oneerlijke concurrentie met andere organisaties. 3.7.2.Proefplaats PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan aan personen behorend tot de doelgroep een proefplaats aanbieden indien de werkgever waar deze proefplaats wordt gerealiseerd aansluitend een dienstverband in het vooruitzicht stelt. De gemeente kan toestemming verlenen om op een proefplaats bij een werkgever voor de duur van twee maanden, met de mogelijkheid tot verlenging met maximaal vier maanden, onbeloonde werkzaamheden te verrichten met behoud van uitkering. De proefplaats is bedoeld om de werknemer de vaardigheden te leren die noodzakelijk zijn voor het verrichten van de werkzaamheden in het aansluitende dienstverband. Voor een proefplaats wordt uitsluitend toestemming verleend als: de inwoner, gelet op zijn vaardigheden en capaciteiten, tot de werkzaamheden in staat is; de gemeente verwacht dat de plaatsing bijdraagt aan het vergroten van de kans op arbeidsinschakeling; hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt; de werkzaamheden van de inwoner niet al eerder onbeloond door hem bij die werkgever, of diens rechtsvoorganger, zijn verricht; en de werkgever bij aanvang van de proefplaats schriftelijk de intentie heeft uitgesproken dat hij de inwoner, bij gebleken geschiktheid, direct aansluitend aan zijn proefplaats, voor minimaal zes maanden, zonder proeftijd, in dienst zal nemen. De gemeente weigert de toestemming, bedoeld als redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de inwoner ook zonder proefplaats kan worden aangenomen voor dat werk. Als de werkzaamheden op de proefplaats wegens ziekte worden onderbroken, dan wordt deze periode voor de toepassing van de maximale periode, bedoeld in het tweede lid, buiten beschouwing gelaten. De gemeente kan een inwoner op een proefplaats persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen toekennen overeenkomstig de bepalingen van Hoofdstuk 3.7.A. 3.7.3 Werkstage PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een inwoner een werkstage gericht op arbeidsinschakeling aanbieden als deze: behoort tot de doelgroep, en nog niet actief is geweest op de arbeidsmarkt of een afstand tot de arbeidsmarkt heeft . Het doel van een werkstage is om inwoners met behoud van uitkering op een werkplek werkervaring en werkritme, dan wel het werknemersvaardigheden, op te laten doen. De gemeente plaatst de inwoner uitsluitend als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 3.7.4Sociale activering PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een inwoner die behoort tot de doelgroep activiteiten aanbieden in het kader van sociale activering, onder andere in de vorm van een activeringsplaats, voor zover de mogelijkheid bestaat dat hij op enig moment algemeen geaccepteerde arbeid kan verkrijgen waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een voorziening of voor zover dit bijdraagt aan zelfstandige maatschappelijke participatie. Het doel van sociale activering is om inwoners te helpen moeilijkheden op weg naar werk te overwinnen. De gemeente stemt de duur van de in het eerste lid bedoelde activiteiten af op de mogelijkheden en capaciteiten van de inwoner. De gemeente biedt de activiteiten uitsluitend aan als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. 3.7.5Participatieplaats PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een inwoner van 27 jaar of ouder met recht op algemene bijstand overeenkomstig artikel 10a van de Participatiewet onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten. Het doel van een participatieplaats is om de kans op betaald werk te vergroten. De inwoner kan maximaal 2 jaar met behoud van uitkering op een bepaalde werkplek werken en doet zo werkervaring op. Het moet gaan om werkzaamheden die passend zijn en speciaal voor de inwoner zijn bedacht. De gemeente zorgt ervoor dat de te verrichten additionele werkzaamheden worden vastgelegd in een schriftelijke overeenkomst die wordt ondertekend door de gemeente, de werkgever en de inwoner die de additionele werkzaamheden gaat verrichten. De gemeente biedt de inwoner die minimaal zes maanden werkzaamheden als bedoeld in het eerste lid verricht en geen startkwalificatie bezit een voorziening als bedoeld in artikel 10 van deze verordening aan, indien dit bijdraagt aan de vergroting van de kans op inschakeling in het arbeidsproces. De premie, bedoeld in artikel 10a, zesde lid, van de Pw bedraagt € 100,00 per zes maanden, mits in die zes maanden voldoende is meegewerkt aan het vergroten van de kans op inschakeling in het arbeidsproces. Geen aanspraak op een premie als genoemd in het derde lid bestaat, indien de gemiddelde inzet gedurende de periode genoemd in het derde lid minder bedraagt dan 4 uren per week. 3.7.6Scholing PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan aan de inwoner die behoort tot de doelgroep scholing of opleiding aanbieden die de toegang tot de arbeidsmarkt bevordert. Het eerste lid is niet van toepassing op personen als bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdeel a, van de Participatiewet. 3.7.7Beschut werk PW De gemeente biedt een inwoner een beschutte werkplek aan, als deze door een beperking een zodanige mate van begeleiding op en aanpassing van de werkplek nodig heeft, dat van een reguliere werkgever redelijkerwijs niet kan worden verwacht dat hij deze inwoner in dienst neemt. De inwoner behoort of tot de doelgroep, of ontvangt een uitkering van het UWV. De gemeente biedt een inwoner een beschutte werkplek aan, als UWV heeft vastgesteld dat deze inwoner alleen kan werken als het werk en de werkplek zijn aangepast aan de mogelijkheden van die inwoner. Daarbij gelden de voorwaarden die in de Participatiewet zijn genoemd. Het doel van beschut werk is om inwoners die alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken, een veilige werkplek te bieden. De gemeente biedt de volgende voorzieningen aan, zodat een inwoner beschut kan werken: fysieke aanpassingen van de werkplek of de werkomgeving; uitsplitsing van taken; aanpassingen in werktempo, arbeidsduur, of de wijze van werkbegeleiding. De gemeente biedt niet meer plaatsen beschut werk aan dan het aantal waarvoor de gemeente middelen ontvangt van het Rijk en zoals dit aantal wordt vastgesteld bij ministeriële regeling als genoemd in artikel 10b, lid 4, van de wet. De inwoner die nog geen beschutte werkplek kan krijgen omdat de gemeente het voorgeschreven aantal beschutte werkplekken voor dat jaar al heeft bereikt, komt op een wachtlijst. De inwoner die het langst op de wachtlijst staat, komt als eerste in aanmerking voor een beschutte werkplek, als deze beschikbaar komt. Zolang er nog geen geschikte werkplek voor deze inwoner beschikbaar is, is het mogelijk dat een andere inwoner voorgaat. 3.7.8Persoonlijke ondersteuning bij Werk PW | IOAW |IOAZ Aan een inwoner die behoort tot de doelgroep kan de gemeente persoonlijke ondersteuning bij werk aanbieden. Het doel van persoonlijke ondersteuning is om de werknemer te helpen zijn werk goed te doen. De voorwaarden voor persoonlijke ondersteuning bij werk worden beschreven in 3.7. 3.7.9 Incidentele loonkostensubsidie PW | IOAW |IOAZ | AWB) De gemeente kan een incidentele loonkostensubsidie verstrekken aan werkgevers ten behoeve van specifieke doelgroepen: Het doel van deze subsidie is om werkgevers te stimuleren inwoners met een kleine kans op werk in dienst te nemen en extra kosten die werkgevers maken voor het begeleiden van deze inwoners te vergoeden. De gemeente kan nadere regels stellen ten aanzien van de voorziening bedoeld in het eerste lid Voor zover deze nadere regels worden opgesteld hebben deze in ieder geval betrekking op: de specifieke doelgroepen waarvoor incidentele loonkostensubsidie kan worden verleend; de hoogte en duur van de incidentele loonkostensubsidie; het recht op de incidentele loonkostensubsidie gerelateerd aan de omvang van de dienstbetrekking; de wijze van betaalbaar stellen; het maximaal aantal te verstrekken incidentele loonkostensubsidies per werkgever. De incidentele loonkostensubsidie wordt uitsluitend verstrekt als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en geen verdringing plaatsvindt. De incidentele loonkostensubsidie wordt alleen dan verstrekt als er voor dezelfde werknemer geen structurele loonkostensubsidie wordt verstrekt. Een incidentele loonkostensubsidie wordt niet verstrekt als de werkgever op grond van een andere regeling aanspraak maakt op financiële tegemoetkomingen in verband met de indiensttreding van de werknemer. 3.7.10Structurele loonkostensubsidie [vervallen] 3.7.11Werkplekaanpassing PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een werkgever, die met een inwoner die behoort tot de doelgroep, een dienstbetrekking aangaat van ten minste zes maanden, een vergoeding verstrekken voor de eenmalige noodzakelijke kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder de arbeid wordt verricht, waardoor de inwoner beter in staat is zijn werkzaamheden uit te voeren; Deze vergoeding wordt niet verstrekt indien op grond van een andere regeling een vergoeding voor de kosten kan worden verstrekt. 3.7.12Overige vergoedingen PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan aan inwoners behorend tot de doelgroep zoals genoemd in 3.3.1 onder a, een vergoeding geven voor noodzakelijke kosten die gemaakt zijn in het kader van de arbeidsinschakeling. Dit betreft reiskosten en kosten voor kinderopvang en tussenschoolse opvang. De inwoner die kinderopvangtoeslag van de rijksoverheid ontvangt, kan voor de kosten van kinderopvang die voor zijn rekening blijven, van de gemeente een bijdrage krijgen, als hij voldoet aan de volgende voorwaarden: De inwoner heeft een gemeentelijke uitkering of een Anw-uitkering en de kinderopvang is nodig om mee te kunnen doen aan een activiteit van de gemeente die de inwoner dichter bij werk brengt (een voorziening), of de inwoner volgt voltijds HBO- of universitair onderwijs, voortgezet onderwijs of vavo-onderwijs, en de kinderopvang vindt plaats in een geregistreerd kindercentrum of gastouderbureau. 3.7.13. Specifiek aanvraagproces loonkostensubsidie PW | IOAW |IOAZ De gemeente verstrekt overeenkomstig artikel 10d, van de Participatiewet, ambtshalve of op aanvraag, loonkostensubsidie aan de werkgever die van plan is een dienstbetrekking aan te gaan met een inwoner die behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. In geval van een aanvraag zijn het tweede tot en met het vijfde lid van dit artikel van toepassing. De gemeente bevestigt de ontvangst van de aanvraag schriftelijk aan de werkgever, of als de aanvraag wordt gedaan door de inwoner, aan de werkgever en de inwoner. Een aanvraag voor loonkostensubsidie wordt, als het een inwoner betreft die nog niet behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie, ook beschouwd als een aanvraag om vast te stellen of de persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie, bedoeld in artikel 10c, eerste lid, onder a, van de wet. De gemeente stelt binnen 16 weken na ontvangst van de aanvraag de loonwaarde vast, tenzij in overleg met de werkgever toepassing wordt gegeven aan artikel 10d, vijfde lid, van de wet. De gemeente neemt bij het verstrekken van de loonkostensubsidie het preferente proces loonkostensubsidie in acht. 3.7.14. Specifieke bepalingen voor inwoners met een arbeidsbeperking PW | IOAW |IOAZ De voorzieningen genoemd in 3.7.15 t/m 3.7.25 worden alleen ingezet voor inwoners met een arbeidsbeperking. 3.7.15. Specifiek aanvraagprocedure persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen PW | IOAW |IOAZ Een aanvraag om persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen kan bij de gemeente worden ingediend door de inwoner of zijn werkgever. De aanvraagprocedure staat gelijk aan de procedure zoals beschreven in 2.5 van deze verordening. Indien nodig bepaalt de gemeente na overleg met de inwoner en de werkgever, welke ondersteuning of voorziening(en) het beste kunnen bijdragen aan de arbeidsinschakeling. Het besluit op de aanvraag wordt indien van toepassing, ook aan de werkgever verzonden. 3.7.16. Persoonlijke ondersteuning bij werk PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan persoonlijke ondersteuning bij werk in de vorm van jobcoaching in natura verstrekken door middel van een jobcoach die werkzaam is in een dienstverband bij of in opdracht van de gemeente of een derde, waarbij de gemeente de uitvoering van de jobcoaching heeft ingekocht. De gemeente kan persoonlijke ondersteuning bij werk in de vorm van een subsidie toekennen aan de werkgever voor: jobcoaching door een interne of externe jobcoach; of interne werkbegeleiding door een interne werkbegeleider. De in het eerste of tweede lid genoemde ondersteuning kan ook worden aangeboden met het oog op het verrichten van werkzaamheden, anders dan in dienstverband, zoals bij een proefplaats. 3.7.17. Specifieke voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk PW | IOAW |IOAZ De aanvraag voor persoonlijke ondersteuning bij werk moet binnen 6 maanden na de ingangsdatum van de dienstbetrekking zijn ontvangen, tenzij voorafgaand aan of op het moment van aanvang van het dienstverband de noodzaak voor die ondersteuning redelijkerwijs nog niet bekend kon zijn. De gemeente besluit op basis van individueel maatwerk, waarbij de aard, omvang, duur en intensiteit van de persoonlijke ondersteuning wordt gewogen. 3.7.18 Interne jobcoaching PW | IOAW |IOAZ Een interne jobcoach, die de persoonlijke ondersteuning bij werk verzorgt, moet voldoen aan de volgende kwaliteitseisen: een voltooide hbo-opleiding of hbo werk- en denkniveau; en een opleidingsmodule voor Jobcoach gevolgd en succesvol afgerond hebben. Bij de inzet van de interne jobcoach wordt aangesloten op de begeleidingsniveaus licht en midden zoals deze door het UWV worden gehanteerd. Voor de interne jobcoaching wordt een vast maximaal bedrag gehanteerd welke door de gemeente in nadere regels vastgesteld wordt. De op grond van lid 2 vastgestelde bedragen gelden bij een arbeidsovereenkomst van 24 uur of meer. Voor zover een arbeidsovereenkomst minder dan 24 uur bedraagt, wordt het bedrag van interne job coaching naar rato bijgesteld. Een interne jobcoach kan worden ingezet: gedurende de duur van de proefplaats vanaf de ingangsdatum van deze proefplaats; gedurende zes maanden vanaf de ingangsdatum van de arbeidsovereenkomst. De inzet van een jobcoach kan, voor zover noodzakelijk, verlengd worden met een periode van zes maanden tot de maximale periode van twee jaar. Bij iedere verlengingsperiode kan afhankelijk van de omstandigheden de noodzakelijke intensiteit van het begeleidingsniveau getoetst worden. In individuele omstandigheden kan worden afgeweken van het bepaalde in het zesde lid. Indien toepassing wordt gegeven aan lid 8, gelden voor de jaren 3 en verder de bedragen zoals genoemd in het tweede lid bij ‘jaar 2’. 3.7.19 Externe jobcoaching PW | IOAW |IOAZ Een externe jobcoach, die de persoonlijke ondersteuning bij werk verzorgt, moet voldoen aan de volgende kwaliteitseis: erkenning door het UWV op grond van het meest actuele ‘Erkenningskader uitvoering persoonlijke ondersteuning UWV’. Bij de inzet van de externe jobcoach wordt aangesloten op de begeleidingsniveaus licht en midden zoals deze door het UWV worden gehanteerd. De gemeente stelt de te hanteren tarieven in nadere regels vast. Een externe jobcoach kan worden ingezet: gedurende de duur van de proefplaats vanaf de ingangsdatum van deze proefplaats; gedurende zes maanden vanaf de ingangsdatum van de arbeidsovereenkomst. De inzet van een jobcoach kan, voor zover noodzakelijk, verlengd worden met een periode van zes maanden tot de maximale periode van twee jaar. Bij iedere verlengingsperiode kan afhankelijk van de omstandigheden de noodzakelijke intensiteit van het begeleidingsniveau getoetst worden; In individuele omstandigheden kan worden afgeweken van het bepaalde in het vierde lid. 3.7.20 Jobcoaching in natura PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan ambtshalve, of op aanvraag, jobcoaching in natura aanbieden. Bij aanvragen om jobcoaching in natura en de voorbereiding van een beschikking op de aanvraag is het bepaalde in de artikelen 3.7.8. en 3.7.13 tot en met 3.7.18 van overeenkomstige toepassing 3.7.21 Vergoeding voor het inzetten van jobcoaching PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan op aanvraag een vergoeding voor het inzetten van interne en/of externe jobcoaching verlenen aan de werkgever. Een vergoeding voor het inzetten van jobcoaching kan, met inachtneming van het bepaalde in de artikelen tot en met 3.7.8 en 3.7.13 tot en met 3.7.19, worden verleend als: de jobcoaching bestaande uit een individueel trainings- of inwerkprogramma en een systematische begeleiding van de persoon behorend tot de doelgroep, gericht op het kunnen uitvoeren van de aan hem opgedragen taken, wordt geborgd door middel van een coachingsplan; de omvang en de kwaliteit van de georganiseerde jobcoaching passend is; de continuïteit van de jobcoaching geborgd is; en de persoon voor wie de vergoeding wordt gevraagd daarvan op de hoogte is en schriftelijk instemt met het organiseren van jobcoaching door de werkgever. De gemeente kan in nadere regels uitwerken: aan welke eisen het coachingsplan moet voldoen; welke activiteiten een jobcoach moet kunnen uitvoeren; hoe de continuïteit van de jobcoaching geborgd moet zijn; of hoe de evaluatie van de jobcoaching plaats vindt. 3.7.22 Interne werkbegeleiding PW | IOAW |IOAZ Als een inwoner uit de doelgroep voor het kunnen verrichten van werk is aangewezen op begeleiding die de gebruikelijke begeleiding door de werkgever en andere werknemers aanzienlijk te boven gaat, kan de gemeente een vergoeding verlenen aan de werkgever voor de aangetoonde meerkosten die verbonden zijn aan het organiseren van de interne werkbegeleiding. De gemeente kan aan de werkgever ambtshalve of op aanvraag een training aanbieden voor een of meer medewerkers om hen in staat te stellen aan personen behorend tot de doelgroep interne werkbegeleiding te bieden. De gemeente kan nadere regels stellen voor interne werkbegeleiding 3.7.23 Specifieke voorwaarden toekenning vervoersvoorziening PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een vervoersvoorziening toekennen aan een inwoner die door zijn beperking niet zelfstandig naar zijn werkplek, proefplaats of opleidingslocatie kan reizen. Deze vervoersvoorziening kan zowel in natura als in de vorm van een vergoeding in geld worden verstrekt. De gemeente biedt pas een vervoersvoorziening aan als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: de persoon kan door zijn beperking niet zelfstandig reizen of gebruik maken van het openbaar vervoer; en het vervoer is beperkt tot woon-werkverkeer. De hoogte van de vergoeding in geld hangt af van het aantal dagen dat moet worden gewerkt. Hierbij wordt een afweging gemaakt of de vervoersvoorziening noodzakelijk is en of de totale kosten hiervan voldoende opwegen tegen de te verwachten baten. De gemeente brengt een eventueel bedrag voor een vervoersvoorziening vanuit de werkgever aan de werknemer in mindering op de te verstrekken vervoersvoorziening. De gemeente kan in nadere regels nadere voorwaarden uitwerken voor de wijze van uitvoering van de vervoersvoorziening. 3.7.24 Specifieke voorwaarden noodzakelijke intermediaire voorzieningen PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een voorziening in de vorm van een intermediaire voorziening toekennen die gericht is op de vervanging of ondersteuning van een door ziekte of gebrek geheel of gedeeltelijk ontbrekende lichaamsfunctie. De gemeente kan nadere regels stellen over de bepaling van de omvang van de noodzakelijke intermediaire voorziening. 3.7.25 Specifieke voorwaarden meeneembare voorzieningen PW | IOAW |IOAZ De gemeente kan een meeneembare voorziening toekennen, als dit noodzakelijk is voor de persoon om te kunnen werken en dit meerwaarde creëert in de werksfeer. De meeneembare voorziening wordt in bruikleen beschikbaar gesteld. In bijzondere gevallen kan de gemeente besluiten de voorziening in eigendom te verstrekken. De gemeente kan nadere regels stellen over de bepaling van de noodzaak en meerwaarde in de werksfeer van de te verstrekken voorziening. 3.8Staatsteun Als en voor zover de verstrekking van de voorzieningen aan de werkgever staatssteun oplevert in de zin van artikel 107 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie geschiedt de verstrekking op grond van: hoofdstuk III, deel 6 van de Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard; of de Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun. Als en voor zover de verstrekking van de voorzieningen aan de werkgever staatssteun oplevert in de zin van artikel 107 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, wordt de voorziening verstrekt onder de voorwaarde dat de begunstigde onderneming een dossier bijhoudt aan de hand waarvan kan worden geverifieerd of de verleende steun voldoet aan de voorwaarden van de in lid 1 genoemde toegepaste verordeningen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel