Naar hoofdinhoud
1.. Het voorzitterschap van een tafel berust bij de aangewezen raadsleden. Het presidium kan hiervan afwijken. 2.. Indien de burgemeester deelneemt aan de beraadslaging in het plenaire gedeelte berust het voorzitterschap van de raad op dat moment bij de plaatsvervangend voorzitter van de raad. 3.. De voorzitter heeft de volgende taken: het leiden van de vergadering; het handhaven van de orde; het doen naleven van dit reglement van orde; het handelen in het belang van de raad; het representeren van de raad waar nodig; hetgeen de wet of dit reglement van orde hem verder opdraagt. 5.. Het voorzitterschap van een sessievoorzitter eindigt door: beëindiging van het lidmaatschap van de raad; ontslag op eigen verzoek; ontslag door de raad wanneer hij naar het oordeel van de raad door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen.

Rechtspraak bij dit artikel