Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Intrekkingsregeling bij stilliggen van de bouwwerkzaamheden

Onderdeel van Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning (artikel 2.33, lid 2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht)

a.. Aan elke vergunninghouder met een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen waarbij geconstateerd wordt dat het bouwen 26 weken heeft stilgelegen, wordt een voornemen tot intrekking van de verleende vergunning bekendgemaakt conform artikel 6 van deze beleidsregels. b.. In het geval er een zienswijze is ingediend wordt bekeken of de ingediende zienswijze aanleiding geeft tot het gunnen van een ruimere termijn waarbinnen weer gestart moet worden met het bouwen. De vergunninghouder kan met concrete documenten (geaccepteerde offerte van een bouw ondernemer, facturen van bestelde bouwmaterialen en/of hiermee gelijk te stellen documenten) zijn intentie tot het hervatten van de bouw aantonen. De vergunninghouder kan persoonlijke omstandigheden opvoeren. c.. De termijn bedoeld onder c wordt naar redelijkheid en in het licht van het concrete geval bepaald, maar bedraagt niet meer dan 52 weken na bekendmaken van het voornemen tot intrekking. .

Rechtspraak bij dit artikel