Conform artikel 151c van de Gemeentewet en artikel 2:67 van de APV besluit de burgemeester over het instellen van cameratoezicht. Na overleg met de lokale driehoek, bestaand uit de burgemeester, officier van justitie (OM) en sectorhoofd van de politie, motiveert de burgemeester de aard en duur van het cameratoezicht. Daarnaast wordt vastgesteld welke onderliggende maatregelen worden ingevoerd in het cameratoezichtgebied. Om tot dit besluit te komen dient een advies te worden opgesteld waarin gemotiveerd wordt dat aan alle criteria van het cameratoezicht wordt voldaan. Belangrijk onderdeel is het aantonen van de noodzakelijkheid en de maatschappelijke behoefte door middel van een veiligheidsanalyse. Hierin wordt de omvang van de problematiek en de maatschappelijke behoefte omschreven. Daarnaast wordt in het advies opgenomen welke aanvullende maatregelen (al) worden ingezet.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.1
Instellen cameratoezicht
Onderdeel van Beleidskader Cameratoezicht 2021-2024