1. Ten behoeve van het schoolbezoek kennen burgemeester en wethouders aan de ouders van de in de gemeente verblijvende leerling op aanvraag een vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in deze verordening.
2. Als burgemeester en wethouders toepassing geven aan het eerste lid, verlangen burgemeester en wethouders van de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke bekostiging van de vervoerskosten toekomt, betaling van een bijdrage tot ten hoogste het bedrag dat de ouders volgens het bepaalde in deze verordening moeten bijdragen aan de kosten van het vervoer. Weigering tot of nalatigheid in de betaling van de in de vorige volzin bedoelde bijdrage doet de aanspraak op de vervoersvoorziening vervallen.
3. De bepalingen in deze verordening laten onverlet de verantwoordelijkheid van de ouders voor het schoolbezoek van hun kinderen.
4. Als de leerling een meerderjarige en handelingsbekwame leerling is, wordt de vervoersvoorziening op aanvraag toegekend aan de leerling.
5. Burgemeester en wethouders bepalen bij de toekenning van de vervoersvoorziening de wijze en het tijdstip van de verstrekking dan wel de uitbetaling, alsmede de tijdsduur van de toegekende vervoersvoorziening.
6. Burgemeester en wethouders kunnen aan de toekenning van een vervoersvoorziening nadere voorwaarden verbinden.
7. Burgemeester en wethouders verstrekken een vervoersvoorziening voor het vervoer van de leerling van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school en terug.
8. In aanvulling op het voorgaande lid is het mogelijk om naast het woonadres één ander afzetadres op te geven waar de leerling na schooltijd wordt opgevangen (opvangadres) als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
a. De leerling maakt gebruik van aangepast vervoer.
b. Er dient sprake te zijn van een vast patroon, dat wil zeggen een vast adres op vaste dagen per week.
c. Een volwassene dient ter plekke aanwezig te zijn om de leerling op te vangen;
d. Het opvangadres moet zich binnen de gemeente bevinden. Dit kan bijvoorbeeld zijn buitenschoolse opvang of informele opvang (bijvoorbeeld opa en oma) zijn, op voorwaarde dat er sprake is van vaste momenten van afwijkende ophaal- en/of afzetadressen in het door het college georganiseerde aangeboden aangepast vervoer.
e. De chauffeur moet de leerling aan de volwassene kunnen overdragen bij de taxibus.
f. Het vervoer vindt plaats in aansluiting op de reguliere eindtijd van de school volgens de schoolgids.
g. Vervoer vanaf het opvangadres naar het woonadres behoort in geen enkel geval tot de mogelijkheden.
h. Indien het vervoer naar het opvangadres leidt tot individueel vervoer of om andere redenen leidt tot hogere kosten dan het vervoer naar het woonadres, behoudt het college zich het recht voor het vervoer niet toe te staan.
9. Burgemeester en wethouders kunnen ten behoeve van de uitvoering van deze verordening nadere regels stellen.
Artikel 6.
Algemene voorwaarden voor toekenning van de vervoersvoorziening
Onderdeel van Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Elburg 2022