De belasting wordt geheven van degene:
die gebruik maakt van de in artikel 1, onder a, bedoelde bezittingen, werken of inrichtingen;
die het genot heeft van de in artikel 1, onder b, bedoelde diensten;
van wie dan wel ten behoeve van wie, de in artikel 1, onder c, bedoelde voorwerpen worden aangetroffen.
Artikel 2.
Belastingplicht
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2022