Naar hoofdinhoud
1.. De commissie bestaat uit minimaal vijf leden, de voorzitter daaronder begrepen. Voor de leden worden plaatsvervangers aangewezen; 2.. De leden en de plaatsvervangers worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring; 3.. In afwijking van het tweede lid wordt een burgerlid en zijn plaatsvervanger benoemd. Hij wordt benoemd op persoonlijke titel op grond van maatschappelijke kennis en ervaring; 4.. De commissie telt gelet op artikel 17.9, eerste lid, van de wet enkele leden deskundig op het gebied van de monumentenzorg; 5.. De disciplines die de leden in gezamenlijkheid vertegenwoordigen zijn cultuurhistorie, bouw- en architectuurhistorie, restauratiearchitectuur, erfgoed, landschap, stedenbouw, architectuur en archeologische monumentenzorg. Ook andere disciplines kunnen vertegenwoordigd zijn in de commissie. Welke dat zijn is afhankelijk van de aard van de voorliggende adviestaak van de commissie en de aard en omvang van de adviesvraag die in concreto voorligt; 6.. De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel