Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Aflossingscapaciteit en betalingsregeling

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering bedrijfskapitaal Tozo 2022 Mook en Middelaar

1.. Indien de vordering bestaande uit de rentedragende geldlening plus achterstallige rente direct opeisbaar is geworden, biedt het college de zelfstandige een termijn van 6 weken om het volledige openstaande bedrag te voldoen. Daarnaast biedt het college de zelfstandige de mogelijkheid om een betalingsregeling te treffen en het college vermeldt dit in de beschikking. 2.. De zelfstandige kan zelf een betalingsregeling voorstellen. Hiermee stemt het college in als: daarmee de vordering binnen een periode van 36 maanden in zijn geheel kan worden afgelost; en de voorgestelde aflossing ten minste € 50,00 per maand bedraagt. 3.. Indien een betalingsregeling zoals genoemd in het tweede lid niet tot stand kan komen, dan wordt de aflossing vastgesteld op vijf procent (5%) van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, maar maximaal het bedrag van de beslagvrije voet op grond van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. 4.. In afwijking van het tweede en derde lid kan het college met een betalingsvoorstel van de zelfstandige instemmen als daarmee wordt bereikt dat de zelfstandige de vordering via minnelijke weg blijft betalen.

Rechtspraak bij dit artikel