Het college van burgemeester en wethouders kan een zaak, terrein of terrein van archeologische waarde aanwijzen als gemeentelijk monument.
2. Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, vraagt het college advies aan de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit. In spoedeisende gevallen kan het vragen van advies achterwege blijven. Een zaak of een terrein wordt beoordeeld op de volgende criteria: architectuurhistorische waarde, cultuurhistorische waarde, zeldzaamheid, gaafheid, ensemble waarde en stedenbouwkundige waarde. Een terrein van archeologische waarde wordt beoordeeld op de in-situ te behouden waarden.
Mocht de zaak een gebouw betreffen, dan vallen zowel interieur als exterieur onder de bescherming, tenzij het interieur nadrukkelijk is uitgesloten van de bescherming.
De aanwijzing kan geen beschermd rijksmonument betreffen.
Toelichting
Herkomst:
Erfgoedverordening gemeente Gorinchem 2018
Wettelijke basis:
Artikel 3.16 van de Erfgoedwet
Artikel 9.1 van de Erfgoedwet
Beoogt:
De toekenning van de status van gemeentelijk monument aan een monument of archeologisch monument (een tuin en een park vallen binnen het begrip ‘monument’, natuurlandschap niet) te regelen. Dit artikel regelt ook dat monumenten enkel aan te wijzen zijn op basis van vrijwilligheid.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1
Artikel 4.1.2
De aanwijzing tot gemeentelijk monument
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving 2021