1. Onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van burgemeester en wethouders berust de zorg voor de aansturing van de ambtelijke organisatie, met uitzondering van de griffie, bij de algemeen directeur. Deze:
a. Adviseert zelf in geval van zaken waarbij de bestuursorganen de mening van de (wettelijke) eerste adviseur willen, respectievelijk dienen te kennen.
b. Treedt op als bestuurder in de zin van de WOR en voert in die hoedanigheid overleg met de ondernemingsraad.
c. Toetst de aan de gemeentelijke bestuursorganen gezonden ambtelijke stukken op hun beslissingsrijpheid.
d. Vertaalt collegebesluiten in opdrachten voor uitvoering door de ambtelijke organisatie.
e. Is aanspreekpunt voor de griffier.
f. Representeert intern en extern de ambtelijke organisatie.
g. Zorgt voor integrale (beleids-)afstemming en -uitvoering.
h. Is eindverantwoordelijk voor een geïntegreerd een gecoördineerd functioneren van het ambtelijk apparaat, alsmede voor het management van de organisatie.
2. De algemeen directeur is voorzitter van het Management Team en in die hoedanigheid bevoegd een eenzijdig besluit te nemen en ten uitvoer te brengen.
3. Voor zover niet elders specifiek geregeld, heeft de algemeen directeur onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de burgemeester en wethouders voor de uitvoering van de taken als genoemd onder 1, van het college van burgemeester en wethouders het benodigde mandaat inclusief de bevoegdheid tot doormandatering en middelenbeheer.