Naar hoofdinhoud
Giften hoger dan het in artikel 1 lid 1 genoemde maximum worden vrijgelaten wanneer deze worden verstrekt voor kosten waarvoor anders bijzondere bijstand of een WMO-voorziening verstrekt had kunnen worden; voor noodzakelijke kosten dan wel uit medisch oogpunt wenselijke kosten, voor zover de levensstandaard hierdoor niet wordt verhoogd; door werkgevers voor werknemers voor zover deze onbelast zijn; door de Voedselbank, Kledingbank, het Noodfonds Rhenen, Jeugdfonds Sport en Cultuur, Stichting Kerk en minima en dergelijke charitatieve instellingen. Voor giften genoemd onder d bestaat geen meldingsplicht, voor de andere alleen als het onder artikel 1 lid 1 genoemde maximum wordt overschreden. Giften die worden vrijgelaten onder lid 1 tellen niet mee voor het maximum genoemd in artikel 1 lid 1.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel