Als een belanghebbende een verplichting als bedoeld in artikel 18 lid 4 van de Wet niet of onvoldoende nakomt, bedraagt de maatregel 100 procent van de bijstandsnorm gedurende :
een maand, bij gedragingen als bedoeld in artikel 18 vierde lid, onderdeel b, f, en g, van de Participatiewet.
twee maanden, bij gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onderdeel a, c, d, e, en h, van de Participatiewet.
Hoofdstuk 3.
Artikel 11.
Duur maatregel bij schending geüniformeerde arbeidsverplichting
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ.