Naar hoofdinhoud

Artikel 1:

Definities

Onderdeel van Algemene voorwaarden gebruik Openbare Parkeergarages

In deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder: Abonnementhouder: de houder van een abonnement dat recht geeft op het gebruik van een Parkeergarage. Beheerder: Iedere persoon die in opdracht van de Gemeente het beheer van de Parkeergarage op zich neemt. Hieronder vallen ook medewerkers van een derde partij, indien deze partij in opdracht van de Gemeente het beheer op zich nemen. De Gemeente: de gemeente Haarlem. Motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990; met inbegrip van een brommobiel zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990. Alle gemotoriseerde voertuigen behalve bromfietsen, fietsen met trapondersteuning en gehandicaptenvoertuigen, bestemd om anders dan langs rails te worden voortbewogen. Parkeerbewijs: parkeerkaart, abonnementskaart, kentekenregistratie of elk ander middel dat door de Gemeente is aangewezen om toegang te krijgen tot de Parkeergarage. De Parkeerder: de eigenaar, houder of gebruiker, als mede de passagier(s) van een Motorvoertuig, die dat Motorvoertuig in of op de Parkeergarage heeft gebracht. De Parkeergarage: de door de Gemeente geëxploiteerde openbare Parkeergarages met bijbehorende terreinen, en ruimten waaronder begrepen liften en traphuizen. Parkeergeld: de door de Parkeerder verschuldigde financiële tegenprestatie voor het gebruik van de Parkeergarage. De Parkeerovereenkomst: elke tussen Parkeerder en Gemeente gesloten overeenkomst met betrekking tot het gebruik van welke aard of welke duur van de Parkeergarage(s).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel