Naar hoofdinhoud

Artikel 5:

Parkeergeld

Onderdeel van Algemene voorwaarden gebruik Openbare Parkeergarages

1.. Het Parkeergeld wordt berekend volgens de door de Gemeente vastgestelde tarieven. 2.. De Gemeente is te allen tijde gerechtigd de tarieven te wijzigen. 3.. Het verschuldigde Parkeergeld voor kortparkeerders wordt berekend aan de hand van het Parkeerbewijs op basis van de door de Gemeente vastgestelde tarieven en op basis van het tijdsbestek dat het voertuig van de Parkeerder in de Parkeergarage is geweest. 4.. Indien de Parkeerder geen Parkeerbewijs kan tonen, is de informatie uit het parkeersysteem bepalend voor de berekening van het Parkeergeld. Is het tijdstip van inrijden niet te achterhalen, dan wordt Parkeerder geacht met het parkeren een aanvang te hebben gemaakt om 07.00 uur op de dag dat de Parkeerder het voertuig de Parkeergarage is binnengereden. In dat geval is ook vanaf dat tijdstip gerekend Parkeergeld verschuldigd. Dit Parkeergeld moet terstond worden voldaan. Indien Parkeerder bewijst dat hij op een later tijdstip het voertuig in de Parkeergarage heeft geplaatst, zal de Gemeente het eventueel te veel betaalde Parkeergeld aan Parkeerder restitueren. 5.. Het verschuldigde Parkeergeld dient te zijn voldaan voordat de Parkeerder met zijn voertuig de Parkeergarage verlaat. Na betaling bij een betaalautomaat geeft het Parkeerbewijs de Parkeerder gedurende een periode van 15 minuten, te rekenen vanaf het moment van betaling, het recht en de gelegenheid het Motorvoertuig buiten de Parkeergarage te brengen. Indien genoemde periode verstrijkt zonder dat de Parkeerder het Motorvoertuig buiten de Parkeergarage heeft gebracht, vangt een nieuwe parkeertermijn aan waarvoor opnieuw Parkeergeld verschuldigd is. Na betaling van de nieuwe termijn, wordt de periode als hiervoor omschreven herhaald. 6.. Het zogenaamde "treintje rijden" d.w.z. direct achter een voorgaand voertuig onder de slagboom door de Parkeergarage verlaten zonder het verschuldigde Parkeergeld te betalen, is niet toegestaan. De Parkeerder is alsdan een direct opeisbare boete verschuldigd van € 60, -. Deze boete wordt samen met het verschuldigde Parkeergeld middels een factuur achteraf gevorderd bij de kentekenhouder van het betreffende voertuig. 7.. Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Gemeente mag een Motorvoertuig niet langer dan 28 dagen ononderbroken in de Parkeergarage geparkeerd zijn, tenzij de Parkeerder beschikt over een abonnement dat dit recht wel geeft. Na het verlopen van deze termijn is de Parkeerder naast het Parkeergeld van 28 dagen parkeren tevens de maximale vergoeding per dag verschuldigd voor elke dag of een gedeelte daarvan na afloop van genoemde termijn dat het Motorvoertuig van Parkeerder in de Parkeergarage aanwezig is, zonder dat voorafgaande ingebrekestelling en rechtelijke tussenkomst vereist is en onverminderd het recht van de Gemeente om daarnaast en daarenboven vergoeding van kosten, schaden en interesten te vorderen. Ingeval het adres van de kentekenhouder van het Motorvoertuig ondanks redelijke inspanning niet valt te achterhalen, kan worden volstaan met het duidelijk zichtbaar aanbrengen van het schrijven onder de ruitenwisser van het Motorvoertuig.

Rechtspraak bij dit artikel