Begeleiding kan worden ingezet om te ondersteunen bij het aanbrengen van structuur of het voeren van regie. Begeleiding kan ook verstrekt worden voor het oefenen van vaardigheden of handelingen of voor het houden van toezicht op een inwoner.
Criteria
Om in aanmerking te komen voor begeleiding moet zijn vastgesteld dat de inwoner matige tot zware beperkingen heeft. Dit kan op één of meer van de volgende vier terreinen:
sociale redzaamheid;
probleemgedrag;
psychisch functioneren; of
geheugen- en oriëntatiestoornissen.
Als de inwoner tijdens de begeleiding ondersteuning nodig heeft bij de persoonlijke verzorging (bijvoorbeeld hulp bij toiletbezoek), dan moet de begeleider dit aanbieden.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.1
Individuele begeleiding
Onderdeel van Nadere regels Maatschappelijke Ondersteuning Meierijstad 2022