Een voor het publiek openstaand gebouw en/of daarbij behorend erf wordt gesloten voor de duur van:
6 maanden, indien de eigenaar/ondernemer geen verwijt treft;
12 maanden, indien de eigenaar/ondernemer een verwijt treft.
Tot sluiting als gevolg van bijzondere omstandigheden zoals zware overlast wordt in beginsel pas overgegaan nadat de volgende maatregelen niet hebben geleid tot afdoende resultaat:
Gesprek en een (schriftelijke) waarschuwing; en/of
Het opleggen van een sluitingstijd.
De burgemeester kan ambtshalve, of op verzoek van belanghebbenden, het sluitingsbevel intrekken. Uit feiten en omstandigheden moet dan blijken dat er geen sprake is van (dreiging van) herhaling van de gedragingen die tot de sluiting hebben geleid.
Artikel 5