Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10.

Artikel 25.

Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking en terugvordering maatwerkvoorziening Wmo

Onderdeel van Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente IJsselstein 2022

1.. De inwoner die een maatwerkvoorziening ontvangt, geeft tijdig bij het college aan als er sprake is van feiten of omstandigheden die aanleiding kunnen zijn tot een heroverweging ten aanzien van een maatwerkvoorziening. Dit kan uit eigen beweging of op verzoek van het college gedaan worden. 2.. Het college kan (in overeenstemming met artikel 2.3.10 van de Wmo) een beslissing over een maatwerkvoorziening herzien of intrekken, als het college vaststelt dat: de inwoner onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en daardoor mogelijk een andere beslissing is genomen; de inwoner de maatwerkvoorziening niet langer nodig heeft; de maatwerkvoorziening niet meer toereikend is; de inwoner langer dan twee maanden verblijft in een instelling die valt onder vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) of de Zorgverzekeringswet; de inwoner niet meer voldoet aan de voorwaarden voor de maatwerkvoorziening, zorg in natura of pgb; de inwoner de maatwerkvoorziening in natura of het pgb voor een ander doeleinde gebruikt dan waarvoor het bestemd is; de inwoner zich niet houdt aan de gestelde voorwaarden zoals opgenomen in de bruikleenovereenkomst. 3.. Als het college een beslissing heeft ingetrokken op basis van het tweede lid, onder a, en er sprake is van het opzettelijk onjuist of onvolledig gegevens verstrekken, kan het college van deze inwoner geheel of gedeeltelijk de geldswaarde terugvorderen van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening in natura of pgb. 4.. Een beslissing tot het verstrekken van een pgb, kan ingetrokken worden als dit pgb binnen zes maanden na de startdatum van de toegekende periode niet is ingezet waarvoor het bedoeld was. 5.. Als het recht op een in eigendom of in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel