Naar hoofdinhoud
1.. De schadevergoeding die de belanghebbende ontvangt voor geleden materiële schade is geen vermogen, tenzij deze niet wordt gebruikt voor het wegnemen van de schade. 2. . De schadevergoeding die de belanghebbende ontvangt voor geleden immateriële schade wordt als vermogen aangemerkt, met uitzondering van: een derde deel van het deel dat is ontvangen vanwege niet blijvende schade; het deel dat is ontvangen vanwege blijvende schade met een maximum van omgerekend € 125,00 per maand. 3. . De schadevergoeding die de belanghebbende ontvangt als compensatie van het verlies van arbeidsvermogen is inkomen voor de periode waarop de vergoeding betrekking heeft. 4. . Voor de berekening van de vrijlating op basis van het bepaalde in het tweede lid, onderdeel b wordt de waarde van de immateriële schadevergoeding voor blijvende schade gedeeld door het aantal maanden dat het verschil is tussen de leeftijd van belanghebbende en de statistische levensverwachting. 5. . Op basis van de individuele bijzondere omstandigheden kan de vrijlating zoals bedoeld in het tweede lid hoger worden vastgesteld. Het is aan belanghebbende om dit aan te tonen.

Rechtspraak bij dit artikel