Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 11

- Inspraakprocedure

Onderdeel van Participatie- & Inspraakverordening Gemeente Meerssen 2022

1.. Inspraak wordt altijd verleend als de wet daartoe verplicht. In deze gevallen is de procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. De termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen en het uitbrengen van adviezen als bedoeld in afdeling 3.3 Awb bedraagt zes weken, tenzij bij wettelijk voorschrift een langere termijn is bepaald. De termijn vangt aan met ingang van de dag waarop het ontwerp ter inzage is gelegd en daarvan kennis is gegeven. 2.. Elk bestuursorgaan besluit gemotiveerd ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden en conform de gestelde uitgangspunten in de nota Burgerparticipatie & Burgerkracht 2022 of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. Het bestuursorgaan kan dan een andere inspraakprocedure vaststellen. 3.. Als inspraakmomenten voor meer dan de helft samenvallen met een schoolvakantie, wordt de inspraaktermijn zodanig verlengd, dat ten minste de helft van de termijn buiten de vakantieperiode valt. 4.. Geen inspraak wordt verleend: ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen; indien inspraak bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten; indien sprake is van uitvoering van hogere regelgeving, waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beslissingsruimte heeft; inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet; indien de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is, dat inspraak niet kan worden afgewacht; indien het belang van inspraak niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving.

Rechtspraak bij dit artikel