De gemeente kan de uitkering blijvend of tijdelijk weigeren naar de mate waarin de inwoner inkomen als bedoeld in of op grond van artikel 8 van de IOAW of IOAZ zou hebben kunnen verwerven, als:
aan de beëindiging van zijn dienstbetrekking een dringende reden ten grondslag ligt in de zin van artikel 678 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en de inwoner ter zake een verwijt kan worden gemaakt, of
de dienstbetrekking is beëindigd door of op verzoek van de inwoner zonder dat aan de voortzetting ervan zodanige bezwaren waren verbonden, dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem zou kunnen worden gevergd;
nalaat algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden, of
door eigen toedoen geen algemeen geaccepteerde arbeid verkrijgt.
HOOFDSTUK 6.
Artikel 16.
Tijdelijk of blijvend weigeren IOAW- of IOAZ-uitkering
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2022