Met gebruikelijke hulp wordt de hulp en zorg bedoeld waarvan naar algemeen aanvaardbare maatstaven gangbaar wordt geacht dat ouders die aan hun kind bieden. Alleen bij bovengebruikelijke hulp kan aanspraak worden gedaan op een individuele voorziening. Het gaat dan om hulp en zorg die substantieel intensiever is dan wat gemiddeld gebruikelijk is bij gezonde kinderen van dezelfde leeftijd.
Elke situatie vraagt om een individuele beoordeling van de gebruikelijke en bovengebruikelijke hulp. Voor het bepalen van de gebruikelijke en bovengebruikelijke hulp sluiten we aan bij de richtlijnen die hiervoor vóór 1 januari 2015 in de AWBZ en J-GGZ werden gehanteerd:
CIZ- indicatiewijzer (hoofdstuk 4)
Werkinstructie Indicatiestelling jeugd-ggz (hoofdstuk 6)
Daarnaast maken we gebruik van de richtlijn gebruikelijke zorg uit de Beleidsregels indicatiestelling Wlz 2021 (hoofdstuk 4).