Zelfredzaamheid met betrekking tot huisvesting gaat over de stabiliteit, kwaliteit en autonomie van de woonsituatie van de persoon. De vraag of de persoon een veilige, toereikende woning heeft waar hij voor langere tijd kan verblijven, staat hier centraal.
Onder stabiliteit verstaan we de verwachte duur van het verblijf in de huidige huisvesting, het gaat dan om de vraag hoe lang de persoon nog in de huidige woning kan blijven.
Ook de kwaliteit van de huisvesting is van belang (denk hierbij aan vochtigheid, luchtkwaliteit, gas- en waterleidingen e.d.) en of deze toereikend is (denk hierbij aan woonoppervlakte in relatie tot gezinsomvang, verwarming en verlichting, inboedel zoals bed, tafel, stoel e.d.). Toereikend betekent ook dat er eventueel noodzakelijke aanpassingen aan de woning zijn, bijvoorbeeld in de vorm van
een traplift, toegankelijkheid voor rolstoel, of aanpassingen ter preventie van vallen. Toereikend is dat de woning passend is voor de beperkingen die een persoon heeft.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2.3.
Wonen
Onderdeel van Beleidsregels Maatschappelijke ondersteuning Bergen (L) 2022