**8.1.** Een cliënt kan in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang als hij:
feitelijk dakloos is, of als bewoner staat ingeschreven bij een door de gemeente erkende 24-uurs woonvoorziening, al dan niet voorafgaand aan opname in een (psychiatrische) kliniek, of aan detentie; en
niet in staat is om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving; en
niet beschikt over alternatieven die de situatie van feitelijke of residentiële dakloosheid op kunnen heffen.
**8.2.** Een slachtoffer van huiselijk geweld kan in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang als deze:
slachtoffer is van geweld in huiselijke kringen vanwege aspecten van veiligheid de thuissituatie moet verlaten; of
indien sprake is van kindermishandeling en opvang van kind(eren) met de beschermende ouder/verzorger in de opvang noodzakelijk is; en
geen mogelijkheden heeft om zelf, al dan niet met gebruikmaking van het eigen sociale netwerk of door interventie van derden, een veilige situatie te creëren, of in alternatieve huisvesting te voorzien.
**8.3.** Een besluit tot toekenning van een maatwerkvoorziening beschermd wonen, kan, naast artikelen 2.3.5. lid 6 en 2.3.10 in de Wmo 2015 en artikel 2 in de Verordening, worden geweigerd, herzien of ingetrokken indien niet wordt voldaan aan de voorwaarden gesteld aan een maatwerkvoorziening, waaronder:
de cliënt niet langer meewerkt aan het goed functioneren van de maatwerkvoorziening beschermd wonen, of
de cliënt niet langer meewerkt aan het komen tot de in het verslag vastgelegde resultaten.
**8.4.** In de Beleidsregel landelijke toegankelijkheid maatschappelijke opvang zijn de voorwaarden ten aanzien van de landelijke toegankelijkheid nader uitgewerkt.
Hoofdstuk 2
Artikel 8
Criteria voor de toekenning van een maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang
Onderdeel van Besluit beschermd wonen en opvang Bergen (L) 2022