Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.2

Spoedeisende hulp

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Beverwijk 2022

Volgens artikel 2.3.3. van de Wmo moet in spoedeisende gevallen een tijdelijke maatwerkvoorziening worden verstrekt. Onder spoedeisende gevallen wordt begrepen de gevallen waarin direct ondersteuning noodzakelijk is, al dan niet in verband met risico's voor de veiligheid als gevolg van huiselijk geweld. Het college moet in deze gevallen acuut in actie komen door een passende tijdelijke maatregel te treffen. Spoedsituaties De noodzaak om een tijdelijke maatwerkvoorziening te verstrekken, zal slechts in bijzondere gevallen aanwezig zijn. Het betreft situaties waarbij acuut iets geregeld moet worden. Onder spoedsituaties kan onder meer gedacht worden aan: Cliënt wordt ontslagen uit een ziekenhuis of instelling en kan alleen naar huis als de maatwerkvoorziening er is. De lichamelijke beperking van de cliënt slechter wordt als de hulp er niet meteen is. De mantelzorger meteen ontlast moet worden of plotseling uitvalt. Cliënt een zeer korte, bekende levensverwachting heeft en ondersteuning daardoor meteen nodig is. Cliënt met spoed hulp bij het huishouden nodig heeft vanwege een zeer progressief ziektebeeld. Plotselinge uitval van een ouder met (jonge) kinderen in een eenoudergezin of uitval van beide ouders. Naast boven genoemde situaties, kan de spoedprocedure ook ingezet worden voor indicaties die gesteld moeten worden bij zorgmijders. Wanneer er sprake is van een spoedprocedure wordt binnen twee weken na de melding een besluit genomen tot het verstrekken van een tijdelijke maatwerkvoorziening. Een tijdelijke maatwerkvoorziening wordt niet langer dan 12 weken ingezet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel