De bijzondere bijstand wordt, mits voldaan is aan alle voorwaarden, verstrekt op een door het college vastgesteld aanvraagformulier.
Belanghebbende levert bewijstukken van de leefsituatie, het inkomen en het vermogen, tenzij deze bij het college genoegzaam bekend zijn. Daarnaast levert belanghebbende bewijsstukken waaruit de gemaakte kosten blijken. Het college kan belanghebbende of onafhankelijke deskundigen zo nodig verzoeken om bewijzen waaruit de noodzaak van de kosten, waarvoor bijstand wordt gevraagd, blijkt.
Belanghebbende moet zich bij de aanvraag identificeren door middel van een geldig identiteitsbewijs (paspoort of Europese identiteitskaart). Voor zover sprake is van een verlopen identiteitsbewijs, terwijl bij een eerdere aanvraag sprake was van een geldig bewijs én de identiteit door het college genoegzaam vastgesteld kan worden, is dit geen belemmering voor het beoordelen van het recht op bijzondere bijstand. Voor een vreemdeling die beschikt over een verblijfstitel, die recht geeft op bijstand, geldt dat het verblijfsdocument bij elke aanvraag geldig moet zijn.
De bijzondere bijstand kan aangevraagd worden voor kosten die zijn gemaakt in de periode van twaalf maanden direct voorafgaand aan de dag van de aanvraag. De datum van de nota is bepalend.