**1..** Als subsidiabele kosten worden die kosten beschouwd die door de aanvrager gemaakt moesten worden voor de naleving van controle op coronatoegangsbewijzen en identiteitsbewijzen voor de periode van 22 september 2021 tot en met 31 december 2021. De volgende kosten komen in aanmerking:
verschuldigde loonkosten van werknemers en arbeidskrachten;
in geval van een niet-commerciële organisatie de verschuldigde vrijwilligersbijdrage;
verschuldigd vakantiegeld, verschuldigde pensioenafdrachten en sociale zekerheidslasten, in verband met de loonkosten, bedoeld onder a;
in geval van externe inhuur, de kosten van werving, selectie, administratie en aansturing van werknemers en arbeidskrachten;
materiële kosten die de controle van het coronatoegangsbewijs en identiteitsdocument faciliteren;
verschuldigde BTW, voor zover deze verschuldigd is over de kosten bedoeld onder a. tot en met e.
**2..** Niet in aanmerking voor subsidie komen de volgende kosten:
kosten voor verplichtingen die zijn aangegaan voor 22 september 2021 (dus dat zijn ook de reguliere loonkosten) en na 31 december 2021;
kosten waarvoor reeds een specifieke uitkering of een andere financiële bijdrage door het Rijk is verstrekt.
kosten waarvoor op grond van de Wet op de omzetbelasting 1968 recht op aftrek van omzetbelasting bestaat, dan wel recht bestaat op compensatie op grond van de Wet op het btw-compensatiefonds.
Artikel 6