Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1 › Paragraaf 2:

Artikel 1

– Draagkrachtperiode

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Gilze en Rijen

1.. De draagkrachtperiode is voor bijstandsgerechtigden gelijk aan de periode waarover algemene bijstand wordt ontvangen. 2.. In overige situaties (behoudens lid 3 van dit artikel) wordt de draagkracht in het inkomen vastgesteld over een periode van 12 maanden, te rekenen vanaf de eerste dag van de maand waarop de aangevraagde kosten betrekking hebben. 3.. Indien de aanvrager(s) (beiden) de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt en er geen draagkracht in inkomen en vermogen is vastgesteld, dan geldt dit ontbreken van draagkracht voor een periode van 36 maanden, te rekenen vanaf de eerste dag van de maand waarop de aangevraagde kosten betrekking hebben. 4.. Voor de vaststelling van de draagkracht als bedoeld in het tweede lid wordt de draagkracht die is vastgesteld per maand, toegerekend naar een periode van 12 maanden. 5.. Incidentele kosten worden in één keer in minder gebracht op de draagkracht per jaar als bedoeld in het tweede lid. Bijzondere bijstand wordt toegekend indien de draagkracht in dat jaar is opgesoupeerd. 6.. In het geval van periodieke kosten wordt de (resterende) draagkracht toegerekend aan de toekenningsperiode van de periodieke bijstand en vervolgens omgerekend naar draagkracht per toekenningsmaand. De periodieke kosten worden in mindering gebracht op de draagkracht per toekenningsmaand. Bijzondere bijstand wordt toegekend indien de draagkracht in die maand is opgesoupeerd. 7.. Bij samenloop van incidentele en periodieke bijzondere noodzakelijke kosten wordt de draagkracht bij voorrang verrekend met de incidentele kosten waarvoor bijzondere bijstand wordt toegekend. 8.. Indien het inkomen tijdens de draagkrachtperiode daalt tot onder 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, dan wordt de draagkracht in het inkomen opnieuw vastgesteld over een periode van 12 maanden (of 36 maanden conform lid 3), te rekenen vanaf de eerste dag waarop de daling van inkomen ingaat. Een toename van het inkomen tijdens de draagkrachtperiode leidt niet tot herbeoordeling van de draagkracht.

Rechtspraak bij dit artikel