**1..** Als het college een concreet signaal heeft ontvangen, waaruit redelijkerwijs moet worden afgeleid dat de bijstand ten onrechte of tot een te hoog bedrag is toegekend, dan heeft het college, na de ontvangst van dat signaal nog zes maanden de tijd om het recht op bijstand in overeenstemming te brengen met de feitelijke situatie. De bijstand die na die zes maanden ten onrechte of tot een te hoog bedrag wordt toegekend, vordert het college niet terug.
**2..** Onder een signaal als genoemd in lid 1 wordt verstaan relevante informatie waaruit kan worden afgeleid dat sprake is van een dusdanige fout, dat het college op grond daarvan actie had moeten ondernemen.
**3..** In afwijking van lid 1, ziet het college niet af van terugvordering als de vordering het gevolg is van het schenden van de inlichtingenplicht.
**4..** Indien sprake is van intrekking van het recht op bijstand over een voorliggende periode omdat belanghebbende over die gehele periode in beperkte mate beschikte over in aanmerking te nemen vermogen, beperkt het college de terugvordering tot het bedrag dat teveel aan bijstand zou zijn verstrekt, indien belanghebbende wel aan de inlichtingenplicht had voldaan.
**5..** Het college is bevoegd om in individuele situaties af te zien van (verdere) invordering wanneer het totaalbedrag van de (restant)vordering(en) minder bedraagt dan € 150,00 en het treffen van (verdere) invorderingsmaatregelen, naar het oordeel van het college, niet (langer) doelmatig is.
Hoofdstuk II
Artikel 7.
Matigen van vordering
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering -en invordering gemeente Ooststellingwerf 2022