Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 6.

Vergoedingen (plaatsvervangende) leden en voorzitters

Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften Delft

1.. De kamervoorzitter van de commissie ontvangt voor een hoorzitting en hiermee samenhangende (voorbereidende) werkzaamheden een vergoeding van 2 keer het bedrag genoemd in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2.. De leden van de commissie ontvangen voor een hoorzitting en hiermee samenhangende (voorbereidende) werkzaamheden een vergoeding van 1,25 keer het bedrag genoemd in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 3.. Voor overige bijeenkomsten, zoals het jaarlijkse voorzittersoverleg, geldt een vergoeding van één keer het bedrag genoemd in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 4.. De voorzitter, de kamervoorzitter en de leden van de commissie ontvangen voor het bijwonen van de hoorzitting van de commissie en overige bijeenkomsten een vergoeding voor de volgende reiskosten: bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten, waarbij zoveel mogelijk de terzake voor de ambtenaren in dienst van de gemeente Delft vastgestelde regels worden gehanteerd; bij gebruik van een eigen motorvoertuig of bromfiets: een vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten overeenkomstig de bedragen zoals die gehanteerd worden voor ambtenaren in dienst van de gemeente Delft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel