Naar hoofdinhoud

Artikel 5

– Locatiebepaling

Onderdeel van Beleidsregels gehandicaptenparkeerplaatsen Harderwijk

1.. De locatie van een gehandicaptenparkeerplaats wordt door de gemeente bepaald. 2.. De locatie van een gehandicaptenparkeerplaats sluit - met inachtneming van artikel 7 - zoveel als in betreffende praktijksituatie mogelijk is aan op de richtlijnen van het verkeerskundig kenniscentrum CROW. 3.. Een gehandicaptenparkeerplaats wordt niet aangelegd: ter plaatse van een parkeerverbod of een verbod om stil te staan; op minder dan vijf meter afstand van een kruispunt; op gebiedsontsluitingswegen waar geen afzonderlijke parkeermogelijkheid aanwezig is; in een voetgangersgebied; voor een inrit of een uitrit; op een parkeergelegenheid die alleen bestemd is voor een voertuigcategorie of groep voertuigen, anders dan personenauto’s; op een gelegenheid bestemd voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen; op een taxistandplaats; op een parkeergelegenheid die gereserveerd is voor het opladen van elektrische voertuigen; op alle andere locaties waar een gehandicaptenparkeerplaats onvoldoende verkeers-veilig is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel