Naar hoofdinhoud

DEEL I: › Paragraaf 5

Artikel 5.2

DE VERGUNNINGENSTRATEGIE

Onderdeel van Uniforme uitvoering- en handhavingsstrategie 2022-2023

Voor veel activiteiten die plaatsvinden in de fysieke leefomgeving bijvoorbeeld het uitvoeren van een milieubelastende activiteit of bouwen, verbouwen of slopen van een bedrijf of woning is toestemming nodig van het bevoegd gezag. Deze toestemming van het bevoegd gezag gaat gepaard met de toetsing van aanvraag aan de wettelijke kaders (voorschriften) waaraan moet worden voldaan. Een vergunning op het gebied van de fysieke leefomgeving kan betrekking hebben op verschillende werkvelden (bouwen, wonen, milieu, natuur e.d.) en op verschillende wijzen tot stand komen (reguliere procedure, uitgebreide procedure, melding e.d.). Vergunningverlening is voor het bevoegd gezag een belangrijk instrument om het beleid vorm te geven in concrete afwegingen, kaders en voorschriften. Deze eerste algemene vergunningenstrategie – te vinden in bijlage 5 – beschrijft hoe dit instrument wordt toegepast bij de geldende wet- en regelgeving. Deze strategie levert daarmee een belangrijke bijdrage in de ontwikkeling en vaststelling van het uitvoeringsbeleid van het bevoegd gezag om de belangrijke doelen voor de omgeving en de uniforme uitvoering daarvan te bereiken. Een nadere uitwerking van de vergunningenstrategie is terug te vinden in bijlage 5 en de regionale uitgangspunten en samenwerkingsafspraken over meervoudige vergunningen staan beschreven in bijlage 6. De afspraken uit bijlage 6 zijn nog niet in alle gevallen uitvoerbaar voor de uitgebreide procedure maar geven hierin wel richting. Komend jaar kunnen de ontwikkelingen rondom de Omgevingswet en het DSO aanleiding zijn om deze processen te herzien en actualiseren. De samenwerkingsprocessen voor de uitgebreide procedure zullen in 2022 worden uitgetest in de regio en worden opgenomen in een eventuele latere aanpassing van deze strategie. 5.2.1 SCOPE In deze strategie wordt onder vergunningverlening verstaan: het verlenen, (gedeeltelijk) weigeren, wijzigen of (gedeeltelijk) intrekken van een omgevingsvergunning mogelijk als onderdeel van een legalisatietraject; het verlenen van een ontheffing; het behandelen van een melding; het opstellen en/of het intrekken van een maatwerkvoorschrift en/ of gelijkwaardigheid; het besluit nemen over het al dan niet vereisen van een milieueffectrapportage (m.e.r.-beoordeling); het actualiseren van een vergunning; afgeven van advies in het kader van het adviesrecht van de gemeenteraad. 5.2.2 DOEL STRATEGIE Besluiten van de bevoegd gezagen (B&W en GS) vergen een goede en transparante afweging. Zorgvuldige afweging van belangen en passend bij de omgeving zijn hierbij essentiële vereisten. Een gedegen insteek van vergunningverlening verkleint het risico op latere problemen bij naleving en/of handhaving. De vergunningenstrategie is een beslissingsondersteunend model bij het komen tot een bij de omgeving passend kader bij elk besluit. Door ieder bevoegd gezag dezelfde uitgangspunten te laten vastleggen in de U&H-strategie ontstaat meer uniformiteit in de besluitvorming. De strategie maakt de afhandeling van zaken reproduceerbaar en eenduidig, dat wil zeggen dat in het dossier het procesverloop en de beslissingen in het belang van de omgeving genomen, terug te vinden zijn. De uniformiteit in de besluitvorming en reproduceerbare afhandeling van vergelijkbare zaken draagt bij aan de transparantie van het besluitvormingsproces voor bedrijven, inwoners en andere instanties. De vergunningenstrategie heeft als doel: vaststellen van gezamenlijke uitgangspunten die het bevoegd gezag kan toepassen in de zorg voor de leefomgeving; mogelijk maken van (economische) initiatieven met oog voor de fysieke leefomgeving; aandacht voor actualisatie van beleid, zoals veiligheid, gezondheid en duurzaamheid; uniformeren van het proces van vergunningverlening ter vermindering van regeldruk; bieden van uitgangspunten voor het werken als 1-overheid; verkleinen van het risico op latere omgevingsproblemen. Door de vergunningenstrategie vast te stellen voldoet het bevoegd gezag aan de eis uit de Omgevingswet om een strategie voor vergunningverlening toe te passen; het vereiste van strategie voor dit taakveld. 5.2.3 UITGANGSPUNTEN Uitgangspunten van de vergunningenstrategie zijn: Omgevingsgericht, afstemming aan de voorkant nieuwe en gewijzigde activiteiten worden getoetst op belasting van de omgeving; het ‘ja, mits’ principe wordt toegepast; onacceptabele omgevingsbelasting wordt voorkomen; politiek-bestuurlijke speerpunten worden afgewogen; vergunningstelsel stimuleert innovatie en duurzaamheid; kernwoorden zijn integraliteit, uniformiteit waar mogelijk, vergelijkbaar in vergelijkbare situaties; de methodiek risicogericht vergunnen zijn we voornemens te ontwikkelen. Transparant, voorspelbaar en betrouwbaar vergunningverlening is afgestemd op landelijke standaarden en lokaal beleid; vergunningen zijn begrijpelijk geschreven en openbaar en digitaal beschikbaar dan wel opvraagbaar (bijvoorbeeld voor IPPC bedrijven een wettelijk vereiste), begrijpelijk voor inwoner en bedrijf; de behandeling van een vergunningen aanvraag eindigt met een oplevering naar toezicht; vergunningen zijn handhaafbaar; voorschriften zijn gebaseerd op de beste beschikbare technieken (BBT) met primair toepassing van zogenoemde doelvoorschriften; vergunningen worden per bedrijf overzichtelijk vastgelegd, zodat alle verplichtingen van het bedrijf op ieder moment inzichtelijk zijn; Aanpak bij slecht naleefgedrag besluiten voor activiteiten die bij niet naleven schade kunnen veroorzaken aan leefomgeving, gezondheid, veiligheid en natuur worden intensiever behandeld en bevatten meer maatregelvoorschriften. De aanvraag (wat wordt precies gevraagd), het besluit (wat wordt toegestaan) en de voorschriften (wat zijn de exacte condities) worden in detail geformuleerd; maatregelvoorschriften gelden wanneer landelijke voorschriften onvoldoende helder zijn in de toepassing op een specifieke situatie en/of bij sprake van slecht naleefgedrag; maatregelvoorschriften geven het bedrijf ten opzichte van doelvoorschriften minder speelruimte en meer duidelijkheid, ook voor toezicht en handhaving. Gezamenlijk en professioneel de huidige Utrechtse samenwerking in de regio Utrecht hanteren een geborgde (landelijke) kennisinfrastructuur en werken daarin zoveel mogelijk samen (Alles komt samen in Utrecht); uitwisseling van goede (landelijke en regionale) voorbeelden en kennis. 5.2.4 DOORONTWIKKELEN VERGUNNINGENSTRATEGIE De vergunningenstrategie in bijlage 5 is algemeen van opzet en bevat geen inhoudelijke kwaliteitsnormen ten aanzien van verschillende milieuthema’s. Tot op zekere hoogte beschikt het bevoegd gezag over beleidsruimte om normeringen ten aanzien van emissies te reguleren in het (toekomstige) omgevingsplan. Het beleidsinstrument van vergunningen en algemene regels wordt ingezet om een bepaalde, gunstige toestand van de werk- en leefomgeving te bereiken of te behouden. Er is vanuit Omgevingsdienst NL (de overkoepelende vereniging van de 29 omgevingsdiensten in Nederland) een landelijke werkgroep “Risicogerichte Vergunningverlening” waarvan de uitkomsten worden betrokken bij de actualisatie of verdere uitwerking van deze U&H-strategie. In afstemming met de betrokken omgevingsdiensten kan in de toekomst worden besloten om deze vergunningenstrategie aan te vullen met kwalitatieve beoordelingskaders voor de verschillende milieuthema’s.

Rechtspraak bij dit artikel