Monitoring. Het Utrechts sturingsmodel en de leidende principes zijn de basis voor monitoring, evaluatie en doorontwikkeling in de komende periode. Jaarlijks wordt op basis van het activiteitenplan, tussentijdse rapportage, jaarrapportage en het gesprek hierover getoetst of de inzet bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen van deze nadere regel. Ook vinden er kwartaalgesprekken en wanneer nodig aanvullende afstemmingsoverleggen plaats tussen de gemeentelijke accounthouders en de subsidieontvanger in het belang van monitoring, evaluatie en doorontwikkeling. De subsidieontvanger en gemeente Utrecht geven na toekenning samen vorm aan het Utrechts sturingsmodel om de sturing en verantwoording dynamisch en betekenisvol in te richten.
Evaluatie. Het beleid waarvoor de subsidie wordt ingezet, wordt periodiek geëvalueerd. De evaluatie kan leiden tot aanpassing van de subsidieregeling en deze nadere regel.
Artikel 12