Tijdens een onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte vindt er een gesprek (keukentafelgesprek) plaats met de cliënt, eventueel bijgestaan door een onafhankelijke cliëntondersteuner of een ander vertrouwd persoon (familie, buren, mantelzorger of anderszins).
Het college verzamelt alle gegevens die nodig zijn om een zorgvuldig en uitgebreid onderzoek te verrichten. De cliënt verschaft het college de gegevens die nodig zijn voor het onderzoek. Indien de cliënt een persoonlijk plan heeft ingediend wordt dit bij het onderzoek betrokken.
In afwijking van lid 2 kan in overleg met de cliënt worden afgezien van het verrichten van een onderzoek als de cliënt en diens ondersteuningsbehoefte genoegzaam bekend zijn bij het college.
Het onderzoek wordt verricht volgens de hieronder genoemde stappen. Indien specifieke (medische) deskundigheid nodig is wordt een (onafhankelijk) deskundige ingeschakeld.
Stel de hulpvraag vast: waar heeft de cliënt hulp of ondersteuning bij nodig;
Breng de problemen of beperkingen van de cliënt gedetailleerd in kaart: wat zijn de beperkingen die leiden tot een verminderde zelfredzaamheid of maatschappelijke participatie;
Welke hulp of ondersteuning is nodig om de problemen te verminderen of weg te nemen;
Welke problemen kunnen worden opgelost vanuit de eigen mogelijkheden (eigen kracht) van de cliënt, met algemeen gebruikelijke voorzieningen, hulp van personen in het sociaal netwerk of mantelzorgers;
Voor resterende problemen die niet kunnen worden opgelost wordt in overleg met cliënt gezocht naar een passende maatwerkvoorziening.
Als de ondersteuningsbehoefte enkel hulp bij het huishouden betreft verricht de zorgaanbieder het onderzoek. De zorgaanbieder gebruikt het Normenkader HHM en de uitwerking hiervan in Bijlage II – Normtijden hulp bij huishouden, om de omvang van de behoefte aan hulp bij het huishouden vast te stellen.
Hoofdstuk 2
Artikel 6
Onderzoek
Onderdeel van Nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Súdwest-Fryslân 2022