De hierna bedoelde bevoegdheden ingevolge de Algemene wet bestuursrecht worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door of namens de voorzitter van de commissie:
het verlangen van een schriftelijke machtiging van een gemachtigde (artikel 2:1 Awb);
het in de gelegenheid stellen een geconstateerd verzuim met betrekking tot ingediende bezwaarschriften te herstellen binnen een daartoe aan de bezwaarmaker te stellen termijn (artikelen 6:5 en 6:6 Awb);
de verzending van het verweerschrift en/of andere stukken naar de gemachtigde van bezwaarmaker (artikel 6:17 Awb);
het uitnodigen voor een hoorzitting alsmede het ter inzage leggen van de stukken (artikel 7:4 Awb);
het opleggen van geheimhouding om gewichtige redenen op het -gedeelte van een- verslag van een hoorzitting waarbij belanghebbenden afzonderlijk zijn gehoord (artikel 7:6 Awb);
Het is de voorzitter toegestaan de bevoegdheden onder a tot en met d op te dragen aan de secretaris van de commissie. De voorzitter is en blijft verantwoordelijk voor de wijze waarop de bevoegdheden worden uitgeoefend.
HOOFDSTUK II
Artikel 6
Uitoefening bevoegdheden
Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften Neder-Betuwe 2022