Indien een raadslid twijfelt aan een eigen handeling of die van een andere poli- tieke ambtsdrager volgt het raadslid de processtappen zoals vastgelegd in het convenant.
Toelichting per artikel
Artikel 6 Vaststelling en handhaving van de gedragscode
Ten minste eenmaal per bestuursperiode wordt de tekst van de drie gedragscodes van Arnhem – voor raad, wethouders en burgemeester – tegen het licht te houden: voldoen de formuleringen nog? Over welke onderwerpen worden de meeste vragen gesteld? Zijn de praktijkvoorbeelden voldoende herkenbaar? Is er behoefte aan een themabijeenkomst of andere vormen van gesprek? Op die manier blijft de gedragscode een levend document.
Belangrijk is dat erop wordt toegezien dat de drie gedragscodes daadwerkelijk worden nageleefd. Ze leggen immers de voorwaarden vast waaraan het handelen van politieke ambtsdragers minimaal moet voldoen. Een schending van de gedragscode is een schending van de integriteit van de politiek.
Het toezien op de naleving van de drie gedragscodes is niet alleen een verantwoordelijkheid van de raad, maar een gedeelde verantwoordelijkheid van alle betrokkenen. Bijzondere rollen zijn weggelegd voor onder meer de burgemeester als voorzitter van college en raad, de fractievoorzitters, de vicevoorzitter, de raadsgriffier en de partij-c.q. afdelingsbesturen.
Artikel 6.4 Procesafspraken Integriteit
We maken afspraken over de processtappen die de raadsleden, wethouders en de burgemeester volgen in geval van een vermoeden van een integriteitsschending door een politieke ambtsdrager. Deze zijn vastgelegd in een protocol.
In de handhaving van de integriteit zijn verschillende fasen te onderscheiden:
• het bespreken van lastige integriteitkwesties;
• het signaleren van vermoedens van schendingen van de gedragscode;
• het eventueel onderzoeken van vermoedens van schendingen van de gedragscode;
• het eventueel sanctioneren van schendingen van de gedragscode.
Hierbij worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:
• onpartijdigheid;
• terughoudend met publiciteit;
• zorgvuldigheid richting de vermeende schender, en;
• beschermend richting het slachtoffer te zijn.
Praktijkvoorbeeld
Voorbeeld
Tijdens een privé-etentje verneemt een raadslid van de grootste coalitiepartij dat een lid van de oppositie nauwe banden heeft met een lokale ondernemer. Niet toevallig, zo lijkt het, dat precies dit raadslid een amendement indiende op een voorstel tot een verkeersaanpassing in het centrum waarmee deze ondernemer bevoordeeld zou worden. Bij de eerstvolgende fractievergadering legt het raadslid de kwestie voor.
Antwoord
De keuze van het raadslid om het vermoeden in de fractievergadering in te brengen gaat in tegen het tweede principe: terughoudendheid met publiciteit. Het belang van zorgvuldige procesafspraken ligt mede daarin dat vermeende schenders niet in de publiciteit komen vooraleer vastgesteld is dat er ook werkelijk een schending plaats heeft gevonden. Er is niets gewonnen bij het delen van het vermoeden in de
fractie terwijl er tegelijkertijd een veel hoger risico ontstaat dat het vermoeden in de publiciteit komt.