Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening indien:
de schuldenaar niet langer voldoet aan het bepaalde onder artikel 4;
het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond;
de schuldenaar zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken ter delging van zijn schulden;
later blijkt dat op grond van onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan de inwoner is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het college, een andere beslissing zou zijn genomen;
de inwoner zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt;
de inwoner in staat is om zijn schulden zelf te regelen dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren;
de geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de inwoner, niet (langer) passend is.
Hoofdstuk 9
Artikel 6
Beëindiginggronden
Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet, minima regelingen en Wet schuldhulpverlening gemeente Urk 2022